maandag 4 maart 2013

Preek van de leek


“De Preek van de Leek; verhalen die raken…” zo introduceren we in Wijk bij Duurstede de Waikse (Wijkse, in ABN) variant van het Amsterdamse initiatief.
Bekende bewoners van ons stadje worden uitgenodigd om in het theater te vertellen over hun inspiratie, en daarbij een Bijbeltekst te betrekken. Van Marktplaats haalden we een oude preekstoel, die opgeknapt werd. De (s)preker mag die stoel beklimmen voor de preek.
Maar gaat het hier wel echt over een preek? Een kersverse collega – iets orthodoxer dan ik – vindt van niet. Dit moet je geen preek noemen, zegt hij, op die term moet je zuinig zijn als kerk. Een inmiddels oud-collega vindt het tegendeel (Klaas IJkema) . Een preek moet mensen raken, en dat gebeurde bij de eerste Waikse Preek van de Leek; verstand, gevoel en wil werden geraakt. Dus is het een preek.
Ik zit ergens in het midden. Ik hecht niet zo aan het begrip ‘preek’. Waarschijnlijk omdat het niet mijn grootste hobby is, preken. Het is dat een dominee zonder preek is als een … nou ja, zeg het maar, anders liet ik het graag aan een ander over.
Een preek op zich is niet zoveel, vind ik. En een preekstoel is niet heilig, maar een functioneel ding uit het pre-microfoon-tijdperk. Er gebeurt pas iets als er gesproken wordt binnen een gemeenschap, in een groep mensen die hoop, geloof en liefde met elkaar delen. Te midden van mensen die zich vrienden van Jezus noemen, mensen die samen bidden, zingen en zoeken wordt een preek woord van God.
De preek mag van mij overal. Ik hecht veel meer aan het begrip ‘kerk’ en kerkdienst. Waarbij ik dan weer niet per se aan het uurtje van 10 tot 11 uur op zondagmorgen denk. Maar een kerkdienst voor ongelovigen daar heb ik niet veel mee. Daarom wordt de Waikse preek – wat mij betreft – ook in het theater gehouden en heet het geen kerkdienst. Geloof wordt niet verondersteld. De sprekers zijn niet per se gelovigen. Die moet je dan ook niet in een gebouw en in rituelen stoppen die gebouwd zijn op geloof. Doel is om Bijbelverhalen ‘op straat’ te laten klinken, of in een theater midden op de Markt.
En wat er dan gebeurt, aan geloof, daar kan ik alleen maar op hopen. Afgelopen zondag gebeurde er wel iets..  Was dat dan toch 'kerk'? De grenzen van de kerk zijn in mijn beleving vloeiend, maar tegelijk veronderstelt kerk een keuze, geen vrijblijvendheid. 

Is de Preek van de Leek een preek met appèl, een vorm van kerk-zijn of is dat teveel gevraagd en gezegd? 




1 opmerking:

  1. Beste Rebecca,

    Ik kan me helemaal vinden in je uitspraak dat de grenzen van de kerk vloeiend zijn.

    Je zegt daarbij dat kerk tegelijk toch ook een keuze veronderstelt. Dat kreeg/ krijgt vorm in de ‘belijdenis’, de keuze voor een levenshouding, maar ook de koppeling aan een instituut. Dat laatste betekent een beperking en aan het daarmee geassocieerde ‘verzuilde’ denken hebben velen geen behoefte meer.

    In de loop der jaren is de wereld gegroeid. Maar is ‘de kerk’ meegegroeid?

    Er zijn nu meer mogelijkheden voor mensen om te relativeren, door meer zicht op andere denkwijzen / religies. Dat kan bedreigend zijn en geeft een zucht naar het oude vertrouwde en het je kunnen afschermen van de boze buitenwereld. Aan de ene kant is er een deel van de bevolking dat hangt aan die vertrouwde rituelen, de vertrouwde liturgie met preek en de vertrouwde liederen.

    Aan de andere kant hebben mensen geen boodschap meer aan de (klassieke) boodschap waarvan ‘de kerk’ als instituut de belichaming/ concretisering is geworden.

    Hiertussen is natuurlijk een heel breed scala aanwezig, maar we kunnen wel vaststellen dat de samenleving is opgeschoven richting de laatste categorie.

    Maar is de boodschap van (naasten)liefde, barmhartigheid, rechtvaardigheid (in de zin van mensen die tot hun recht komen) en heilzaam perspectief niet veel universeler en gekoppeld aan de schepping in plaats van instituten? En was Jezus mogelijk één exponent van die universele boodschap?

    We zien in onze samenleving dat kerken dichter tot elkaar groeien, zoals Samen op Weg geleid heeft tot de PKN. En er is sprake van samenwerking tussen Katholiek en Protestant. Misschien is dit uit noodzaak geboren door het leeglopen van kerken, maar tegelijk wordt het mogelijk gemaakt door het relativeren van de eigen kerkelijke ‘standpunten’. Grenzen vervagen dus.

    Zijn we misschien op weg veel meer te komen tot de kern van ons zijn, ingegeven vanuit een universele schepping? Beseffen we misschien meer dat we in ons nietig bestaan onze essentie en ons perspectief vanuit verschillende standpunten (- culturen -) kunnen benaderen?

    Ik vind daarom het initiatief van ‘Preek van de Leek’ perfect. Je rekt de grenzen van de kerk op. De ‘boodschap’ wordt universeler, meer bereikbaar voor mensen. En mensen raken ‘begeisterd’, geïnspireerd. En dat is toch de bedoeling?

    Het is een ander format dan het traditionele kerk-zijn, en dat is prima. Het voegt een nieuw dimensie toe, wat kennelijk heel veel mensen aanspreekt. Fantastisch toch!

    En op jouw vraag, ja, het is dus óók een vorm van kerk zijn… Maar misschien moeten we het begrip ‘kerk’ in de zin van de klassieke ‘kerkelijke gemeente’ wat meer gaan loslaten … Er komen andere verbanden voor in de plaats.

    Maar kerk als gebouw/ ontmoetingsplaats, waar je contemplatie kunt betrachten, nadere verbondenheid kunt zoeken van het diepere ik met ons hogere ‘al’ (noem het God), laat we dat in ónze verbondenheid vasthouden en in stand houden met elkaar.

    En geloof? Geloof is voor mij niet heilig, in de zin dat er één waarheid is. Het lijkt dat ook geloof evolueert. Naar een méér omvattend godsbeeld dan wij ons vanuit ons perspectief nú kunnen voorstellen, een onverklaard besef, met ruimte voor twijfel…. Maar wel met dezelfde universele waarden.

    En tot slot, wat is de rol van de predikant/ pastor daar in? Die van de denker, de inspirator, uitd(r)ager van normen en waarden, vóór-doener en verbandenlegger?
    Teveel voor één mens? Fijn dat je het doet, dank je wel!

    Klaas Feenstra.

    BeantwoordenVerwijderen