Posts tonen met het label Jezus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jezus. Alle posts tonen

maandag 14 januari 2019

Over water


In een Houtense woonwijk vol water en straten die meren zijn, moest ons Gluren bij de buren programma wel over water gaan. Met Binne, Leone, Jorien, Pieter en Matthijs en Willem speelden we liedjes van een zeeman. Drie keer zat de huiskamer van Marike en René vol, om te luisteren naar liedjes van Jeroen Zijlstra, zoekende zeeman, en wat gedachten over water. 

In zijn liedjes over zee, verlangen, storm en in elke haven een nader liefje duikt soms ineens iemand op die lijkt op Jezus. Die Jezus uit de Bijbel die ook steeds het water opzocht, die woonde aan de zee van Tiberias..   Blues voor Slauerhoff is zo'n liedje van verlangen dat zingt over een haven waar een mens een leven lang naar blijft zoeken.  

Water dat stroomt houdt het verlangen in beweging, als eb en vloed. Naar thuiskomen of juist naar weggaan, de verte tegemoet.

Draag me - zingt Zijlstra:
jij bent mijn boot van papier
Jij bent mijn kwetsbare kant
Draag me, bootje van papier

In
Water nodigt uit om met de stroom mee te gaan.. zonder te weten waarheen. Zonder zekerheid, kwetsbaar en wel..

Breek is bijna een gebed, voor de kwetsbaren van deze wereld, voor wie zichzelf geven. En doet denken aan de zaligsprekingen.. En zou het ook over Jezus gaan als ZIjlstra zingt: 

Voor de stem die zich moet weren

Voor de scherven in je eigen keel
Voor de kunst van het proberen
Ook al blijft er niets meer van je heel

Voor de pijn van het vermoeden
Voor die ene zin of melodie
Voor de maker die moet bloeden
Voor hij uitbarst in z'n laatste lied

Water is flow, maar het kan ook gevaar betekenen. Tegenover veel water is een mens weerloos, breekbaar.. Heb je ooit wel eens gezeild hebt bij flinke wind en regen? Dan weet je niet meer waar het water ophoudt en de hemel begint. Je raakt alle houvast kwijt. Het is één grote grijze massa.

Wat geeft je houvast als het stormt?
In Wachtsman is Jezus er … 
En ooit lag iemand rustend in een boot
Buiten blies een ziedende orkaan
Alles kraakte
Maakte water
Was in nood
Golven sloegen tegen 't scheepje aan

Hij sprak bestraffend tot de wind en zee
Beiden zwegen
't Werd volkomen stil
Als een wachtsman in het donker vaart hij mee
En zal er zijn als ieder slapen wil
Iemand die je vertrouwen geeft, als stormen woeden. ’s Nachts als alles erger lijkt… zou Zijlstra dat zelf ook zo gevoeld hebben, toen hij naar zee ging? Nog maar 15 jaar oud, een jongen die nog van niets wist, zeeziek en wel…
Over water lopen; het is een sterk beeld van vertrouwen, van gaan ondanks diepte en donker. Een beeld van flow dat opduikt in liedjes. In het Bijbelverhaal loopt Jezus over het water, maar ook Petrus probeert het. Hij zet zijn voet op het water en loopt..  even. 
Vorig jaar was ik op vakantie aan de zee van Tiberias, of het meer van Galilea. Waar de verhalen van Jezus en zijn vrienden  spelen. Het zijn vissers, ze varen regelmatig over, en niet zelden is het donker en stormt het. Die vakantie week aan het meer liep ik rond met een dilemma. Een beslissing die ik nemen moest.  Werk waar ik met heel mijn hart aan begonnen was, was me boven het hoofd gegroeid. Ik kon niet verder, maar kon ik het uit mijn handen laten vallen? Ik twijfelde.
Op een gegeven moment stond ik daar aan de smalle kant van het langgerekte meer.. De wind was opgestoken, ineens stonden er kleine koppen op het water. Ik liep naar de waterlijn en er kwam over het water iets aanwaaien wat me riep. 'Heb maar vertrouwen'.. zo klonk het. 'Ergens in de diepte komt iets nieuws..' En het was net of ik mijn voet op het water kon zetten om te lopen, met vertrouwen. Zijlstra zingt erover in Over water... 


zondag 6 januari 2019

Caravaggio in Utrecht: oog in oog met Jezus

Christus toont zijn wonden,
Giovanni Antonio Galli, ca. 1625/35
Met een vriendin sta ik in het Centraal Museum voor de muur met schilderijen van 'De ongelovige Thomas'.* Op het middelste schilderij staat maar één figuur en het is Thomas niet. Het moet Jezus zijn die zelf een vinger in de wond in zijn zij steekt. Hij kijkt niet naar wat hij doet, maar hij kijkt iemand aan. Is het Thomas? Ben ik het? Of kijkt hij in een spiegel naar zichzelf? Je ziet een vraag in zijn ogen, denkrimpels in zijn voorhoofd. 'Het is Jezus en Thomas in één', zegt de vriendin naast me. En dan zie ik het ook. Jezus lijkt zelf te twijfelen en de vraag te stellen: 'Wie ben ik eigenlijk?'.

Op de schilderijen aan weerszijden laat Jezus zich aanraken door Thomas en staan andere leerlingen er met hun neus bovenop, met dezelfde denkrimpels. Het is heel intiem eigenlijk. Jezus heeft er zelf toe uitgenodigd. 'Voel zelf maar..' zegt Jezus tegen Thomas die niet kan geloven dat het werkelijk Jezus is, of dat Jezus werkelijk er is, na zijn dood aan het kruis.
Aanraken is een weg om te ervaren dat de ander er werkelijk is. Dat wat je hersens niet bevatten kunnen kan de aanraking van de huid tastbaar maken. Liefde die onwerkelijk groot is heeft behoefte aan lichaamstaal als woorden tekort schieten.
Zonder het platvloers te maken heeft het aanraken van Thomas iets sensueels. Het is meer dan oppervlakkige aanraking, hij mag het lichaam van Jezus heel even binnen als hij zijn wonden voelt. 'Leg je vinger er maar in' zegt Jezus.

De ongelovige Thomas,
Michelangelo Merisi (Carvaggio), 1600/1625
Op dat ene schilderij wordt Jezus niet aangeraakt. Het ziet er uit als iemand die alleen voor de spiegel staat en zich afvraagt: Wat zie ik? Wie ben ik eigenlijk? Hoe ziet een ander mij?  Kun je door zo in de spiegel te kijken vertrouwd raken met je eigen lichaam? Er zijn therapeuten die het aanraden als manier om zelfvertrouwen te voeden. Kijk eens, hoe mooi je bent; ook je beschadigingen en littekens mogen er zijn. Verstop ze maar niet..
Maar heb je daar niet jùist de blik van een ander voor nodig? Om jezelf te zien op je mooist? Om te weten wie je bent?
Ik zie in de blik van Jezus een vraag. Als ik nog eens beter kijk, dan zie ik dat hij de wond aanwijst en uitnodigt tot aanraken. 'Kijk maar, hier.. voel maar.. Dit ben ik. Met littekens en al'. Ik moet denken aan het woord huidhonger - het vat samen dat een een lijf vraagt om aanraking.  Het is het verlangen om de schaamte voor je littekens en de sporen die het leven getrokken heeft af te leggen en gewoon te zijn wie je bent.  Je zonder schaamte bloot te geven. Als je in de ogen en de armen van een ander bestaat, dan gaat de twijfel over wie je bent en of je er mag zijn, liggen als een storm die tot bedaren komt.

* tentoonstelling 'Utrecht, Caravaggio en Europa' in het Centraal Museum Utrecht, 16 december t/m 24 maart 2019

vrijdag 28 december 2018

Het Kerstfeest, Jezus en dj's.

Luisterend naar de radio vorige week, hoorde ik 2 dj’s tegen elkaar vertellen dat ze niet zoveel met de religieuze kant van Kerst hebben. Ze hadden een best grappig gesprek, over hoe Jezus weer hip zou kunnen worden. Ik luisterde in de auto en vond het eerlijk en pijnlijk tegelijk. Jezus die verdwijnt uit het Kerstfeest..
En tegelijk liepen diezelfde dj’s de blaren op hun voeten voor het goede doel, voor het Rode Kruis en het redden van levens. Het is vanzelfsprekend, nog steeds, ook als Jezus niet meer zo in beeld is: Kerst betekent iets voor een ander over hebben. De menselijke, aardse kant is er nog.. al is het perspectief op God weggeraakt.. Of God gaat met zijn liefde zo op in wat mensen doen, dat we het ternauwernood opmerken..

Die Dj’s die liepen voor Serious Request zag ik gisteren Wijk bij Duurstede uit lopen, naar Cothen, op weg naar Utrecht. Een niet zo heel opvallend groepje… door velen niet opgemerkt. Het was dit jaar niet zo glamourous. Geen Glazen huis met almaar feestvreugde er omheen maar ‘de Lifeline’- lopend dwars door Nederland, van dorp naar dorp, dag en nacht, dagenlang, van 3 kanten dwars door Nederland, naar Utrecht. Het leverde lang niet zoveel geld en aandacht op als het Glazen huis, maar misschien kwam het wel dichterbij Jezus.. Het steeds weer verder, nergens lang genoeg voor een echt feestje.. weer verder.. niet op een vrolijk plein of evenemententerrein, maar gewoon langs de straten en de deuren van heel veel mensen.. sommigen kwamen naar buiten, met geld of gewoon, koekjes.. of een tandem of trekker om ze even een stukje verder te brengen. Misschien zelfs wel een ezel..
Het leek eigenlijk verdacht veel op Maria en Jozef – en op Jezus met zijn leerlingen.. later twee aan twee.. en op vluchtelingen onderweg, alleen staat bij hen helemaal niemand aan te moedigen langs de weg.
Misschien ontdekken we iets van God eerder in die strompelende dj's met kapotte voeten en doorgeregende kleren, die blij zijn met een vriendelijk woord en hulp van mensen langs de weg, en instemming met hun goede doel..
God laat zich ontmoeten in kwetsbaarheid. In wie kwetsbaar is.

zaterdag 17 juni 2017

herders op Roze zaterdag

Schapen zonder herder zijn het, die Jezus in beweging zetten in Matteus 9, 36. Afgemat, ziek, zoekend… Jezus zendt de leerlingen uit als herders voor hen, om voor hen te zorgen. Want herders hebben ze nodig.
Ik moest zo aan deze tekst denken gisteren, toen het verdrietige nieuws kwam dat de lhbt gemeenschap niet welkom is in de kathedraal van den Bosch, voor een viering en een zegen van de bisschop op Roze zaterdag. Er waren waarschijnlijk teveel schapen – medegelovigen, en herders – priesters in het bisdom, die moeite hadden met deze open deur.
Het lijkt erop dat de moeite vooral zat in de het feest-gehalte van de Roze zaterdag. Waren het maar alleen gewonde, zichtbaar afgematte, ingetogen schapen geweest, de bezoekers van Roze zaterdag, dan was de deur misschien wel open gegaan. Maar het vieren van het leven, ook lichamelijk, en uitbundig, lijkt een brug te ver.
Les Noces de Cana, Louis Kahn, 1949
Ik troost me met de gedachte, dat Jezus wel aanschoof bij een huwelijk, aan tafels waar vrolijk gedronken en gegeten werd. Hij zag wel, dat daar ook moede en afgematte mensen zaten, op zoek naar een zegen, naar gezien worden door de Eeuwige. Die Jezus zendt zijn herders uit – ook op feesten en partijen, waar de afwijzing wordt weggedanst en het verdriet even vergeten, waar het leven gevierd wordt, tegen de klippen op. Om daar tot zegen te zijn.. om het leven in zijn geheel te zegenen.

maandag 5 juni 2017

Mijn dochter is 14


Mijn dochter is 14. Leeftijdgenoten appen op eerste Pinksterdag geschrokken, dat ze de deur niet meer uit durven...  Op Facebook lees ik dat moeders hun kleine meisjes niet meer alleen buiten laten spelen. Nog geen blokje om mogen ze alleen.
Onze kinderen zijn kwetsbaar en daardoor voelen ouders zich nòg kwetsbaarder.
Want wat als er een chauffeur op de snelweg in slaap valt tijdens hun schoolreis? Wat als er een fanaticus het concert van hun tieneridool als doelwit kiest? Wat als er een kerel zijn gewelddadige seksualiteit niet bedwingen kan? Wat als het kwaad om de hoek is?
We hebben verhalen nodig over goed en kwaad, die ons helpen met het kwaad om de hoek om te gaan.
En nee, niet verhalen waarin alle kwaden tot moes geslagen worden en de goeden zich veilig terugtrekken achter de gordijnen. Want zo eenvoudig is het nu eenmaal niet, om goed en kwaad te onderscheiden.
Kwaad schuilt in iemand van wie je het niet verwacht. En niet per se in degene waar angst zich als eerste aan hecht; degene die anders is dan ik bijvoorbeeld. In mij schuilt ook kwaad.. . het is niet alleen buiten, het is ook binnen.
Er is goed en er is kwaad. Dat is verschrikkelijk, maar het is realiteit. Dat is de wereld waarin wij leven, waarin wij naar buiten moeten. Kwetsbaar als we zijn, gewond door wat ons aanvalt of overkomt. Kwetsbaar: zomaar overmand door kwade gedachten, door donkere wolken en haat van binnenuit.
En daarom hebben we verhalen nodig over hoop, en over dapperheid. Hoop op het goede dat dieper zit dan het kwaad, dapperheid om het kwade te onderscheiden en te weerstaan.
Waarom vertel ik mijn kinderen zo weinig verhalen over Jezus – wie wist beter dan hij van kwaad en en kwetsbaarheid en van hoop? Ik vraag het me vandaag weer af.
Ze hebben die verhalen zo nodig..
Verhalen die moed geven om te onderzoeken wat goed is en wat niet. Verhalen die moed geven om te hopen. Verhalen die moed geven om niet weg te lopen bij wie getroffen wordt, als het kwaad grote gaten slaat.
Moed om te blijven geloven dat onze kinderen in deze wereld van goed en kwaad naar buiten kunnen. Omdat wij hen verhalen geleerd hebben over hoop en dapperheid en kwetsbaarheid.

foto's: Jolinda van de Beukel

*zaterdag is er het ZIN festival ‘Op zoek naar WIJ’ – een plek waar verbindende verhalen worden opgediept en gedeeld.

maandag 29 mei 2017

Jullie zijn het licht

overdenking in de afsluitende viering van de Charismatische conventie 

Het thema van de 42e Hemelvaartsconferentie van de CWN/CWJ was 'Kom tevoorschijn'.
Zelf was ik na bijna 30 jaar weer 'terug' bij de CWN. Het was vertrouwd en vernieuwend tegelijk. En hartverwarmend.
In de zondagmorgenviering mocht ik spreken. Het thema was 'Laat je licht schijnen', bij Matteus 5: 11 - 15
"Jullie zijn het licht van de wereld", zegt Jezus.
Licht, daar werk je niet aan. Het is er.. als het er eenmaal is dan verspreidt het zich en houd je het niet tegen. Het vecht niet, het voert geen strijd. Het straalt alleen maar. Tenzij je er iets overheen zet en je verstopt.

Om tevoorschijn te komen is behalve moed ook veiligheid nodig. Deze conventie is zo’n plek, een plek waar het veilig is. Aan die sfeer van veiligheid dragen al die sprekers die hier op het podium gestaan hebben bij, met hun verhalen waarin ze hun eigen pijnlijke plekken en dat wat genezen en groeien moest niet wegmoffelden.
Niet per se van het ene op het andere moment.. Dineke van Kooten vertelde over haar 14 jaar op bed. Ziek.. en alle tijd om te leren, te ontdekken. Totdat ze weer op haar benen kon staan.
Wat een geduld heb je nodig, soms.. kleine stapjes..

Het is hier niet raar om niet ‘af’ te zijn, en wat niet af is wordt letterlijk liefdevol aangeraakt. Bij de ziekenzalving, bij gebed, zegen – er zijn handen die je aanraken. Ook dat geeft vertrouwen en moed.
Om tevoorschijn te komen, te zijn wie je bent. Met alles er op er aan.
Het is hier niet raar om niet ‘af’ te zijn, om te laten zien dat je leven soms meer op een verknalfuif lijkt dan op een succes feestje. Voor 'onaf zijn' is hier ruimte, omdat er tegelijk vertrouwen is dat er groei is – door de Geest.

Het grootste inzicht dat ik opdeed bij het lezen van deze woorden van Jezus was dat hij: "jullie zijn het licht van de wereld". Hij zegt niet "jij bent het licht". Dat zijn woorden die alleen voor Jezus zelf opgaan. Hij is het licht voor de wereld. Voor ons geldt dat het in meervoud tegen ons gezegd wordt.
Denk niet dat jij het licht van God in je eentje uitstralen moet.
Ik vind het een opluchting Ik weet niet hoe het met jou is, maar ik heb die neiging wel – om te denken dat ik het alleen moet doen. Alsof het alleen van mij afhangt. En er iets heel erg mis gaat als ik faal. Daar word je bang van. Logisch... En dan ben ik ook nog eens bang om te verbleken in vergelijking met  het licht van een ander. Dan wordt het best moeilijk om tevoorschijn te komen, als jij hèt licht moet zijn.


Toen ik ging scheiden na jaren ploeteren en denken dat er toch een weg moest zijn om het goed te doen viel ik voor mezelf van een voetstuk.
En ik was zelf degene die op dat voetstuk van niet mogen falen geklommen was. Eigenlijk was ik op de stoel van God gaan zitten, met al mijn perfectionisme. Ergens in mijn jeugd had ik de overtuiging opgedaan dat God van mij verlangde dat ik ànders werd, een betere versie van mezelf. Ik zie mezelf nog op de grond zitten in de oecumenische kloostergemeenschap van Taizé, op mijn knieën op de harde grond. Met gebogen hoofd bad ik, dat de negatieve dingen uit mij zouden verdwijnen. Pas later, soppend door de modder op het eiland Iona, leerde ik dat God mij wilde omarmen mèt alles erop en eraan. Het knielen heb ik toen een poosje achterwege gelaten. Nu kan ik het weer zonder dat ik me daarbij onnodig klein maak.*

Je moet van je voetstuk komen om als die lamp op een standaard licht te kunnen verspreiden.
Jezus zegt: "jullie zijn het licht". Die jullie, dat zijn de mensen van de zaligsprekingen, hier vlak voor uitgesproken, die gelukkig genoemd worden. Verdrietig, kwetsbaar, gewond, afgewezen als ze zij. Die ploeterende mensen zijn het die het licht zijn. In wie de Geest van Christus zichtbaar wordt. Het zijn doorschijnende mensen… steeds minder met zichzelf bezig, steeds meer verbonden met Christus.

Jullie zijn het licht van de wereld.... Maar we kunnen het alleen in verbondenheid, dat stralen. Licht in allerlie soorten en maten, flakkerend, bleekjes, vrolijk stralend en even op een laag pitje… samen is het licht voor de wereld. We kunnen het alleen in verbondenheid.
En wie weet… kom op een onverwachte plek iemand tegen, die haar of zijn licht met je deelt. Misschien is het Christus wel, de Geest die je met een liefdevol grapje verrast.
Ga met God, in Gods licht.

* deze passage is afkomstig uit het boek 'Mooi niet alleen'.
foto's: Benne Holwerda





woensdag 19 augustus 2015

Dansen met Jezus op Keiland


Jezus als 'Heer van de dans' - dat is een beeld dat past bij Keiland.

Lees het blog over Keiland, het lied Nachtkaravaan en dansen op Zinvloed... 

Meer info over Keiland... 

zondag 7 december 2014

in het zand

Ze staan klaar met stenen in de hand. Het zijn oordelen die de vrouw die beschuldigd wordt van overspel zo om de oren zullen vliegen. Het zouden ook tweets kunnen zijn.
Moraalridders zijn het. Allemaal mannen? Ze weten wat wel en niet kan, in moreel opzicht.
Dan stapt Jezus in de kring. Hij spreekt niet degene aan die het mikpunt is van morele verontwaardiging. Hij spreekt degenen aan die klaar staan om te gooien.
Wie zonder zonden is, laat die de eerste steen werpen.
Ze druipen af terwijl hij zich bukt om in het zand te schrijven.
Generaties hebben zich het hoofd gebroken over de vraag: wat schrijft Jezus? En waarom in het zand?
Het staat er niet en niet voor niets... want het gaat ons niets aan wat hij schrijft.
Het is iets tussen deze vrouw en Jezus. De spiegel die hij haar voorhoudt, zijn advies, zijn oordeel misschien - het is niet voor ons. Dat blijft tussen hen.
En het is zomaar uitgewist. Met één handbeweging.
Ging het op twitter ook maar zo.

(Johannes 8: 1 - 11)



zondag 19 januari 2014

het goede leven, bruiloft in Kana - een preek -

Preek bij Johannes 2: 1-11 en Jesaja 62: 1-5
Er is een bruiloft, 2 mensen vieren dat bij elkaar horen.
Misschien waren ze wel niet zo jong. Als je hier in Cothen naar een bruiloft gaat kan het ook om 25 jaar samen gaan, of 50… En stellen die trouwen zijn vaak niet meer piepjong en net bij elkaar. Ze hebben al kinderen, ups en downs meegmaakt.
Het feest zelf in dit verhaal past daar wel bij – het ene moment is het feest, het volgende dreigt het om te slaan. De wijn is op..
Wijn staat voor ‘het goede leven’.. In de Bijbel staat het vol met dromen van een wereld waarin ieder onder zijn eigen wijnstok zit. Vijgenboom ernaast, en het goede komt zo in je mond vallen, als het ware. Dan ook nog melk en honing, en een mens heeft niets te wensen in bijbelse termen.
Wijn staat voor het leven dat goed is. Kwaliteit van leven,leven om van te genieten. Met kleine slokjes, bewust, tijd nemen voor ‘een goed glas’,  een gesprek, even ontspanning.
de bruiloft in Kana, afgebeeld in een kerkje in Zillis 

Het is de derde dag, staat er.
De derde dag, dat is een beslissende. Daarop gebeurt er iets waarop gewacht is de termen van de Bijbel. De opstanding bijvoorbeeld..
Het het kan hier ook heel goed gaan over de 3e dag van de week, de 3e dag die God schiep. Die derde dag, de dinsdag (de joodse week begint op zondag en eindigt op de zaterdag, de sabbath) is de enige waarop God twee keer zei dat het goed was.
Hij schiep het land en alles wat er groeit en bloeit en vrucht draagt. Hij schiep de grond onder onze voeten op die derde dag. En het was wel 2 x goed. Op de dinsdag werd er door joodse mensen bij voorkeur getrouwd – vanwege die overvloed aan goedheid, genoeg voor 2.
Ik heb een vriendin die dinsdag omgedoopt heeft tot ‘dinsdag hoopdag’. Via de sociale media vraagt ze elke week aandacht voor de hoop – wat is dat jou gaande houdt, wat moed geeft – juist op die dag dat God 2x zei dat het goed was mag je extra om je heen kijken om het goede te zien.
Dinsdag hoopdag. Dag van grond onder de voeten, van groei en bloei.

Maar dan raakt de wijn op. De vreugde is weg, de sjeu is er af.
In je relatie loopt het niet lekker. Ergernis, of sleur…
Of je relatie is over..  je partner is er niet meer.. je bent alleen. Zomaar, door de dood. Of doordat je te erg van elkaar verwijderd raakte..
De trouwjurk waarin je je de mooiste voelde – dat hoor je ook te zijn op je trouwdag: de dag waarop er eentje de mooiste mag zijn zonder concurrentie – hangt ver weg op zolder. Te klein inmiddels natuurlijk.
Het leven lijkt grijs en veel zin heb je er niet in op momenten. De kleur rood van de liefde en de passie ontbreekt..
Als er niemand is die je geliefde noemt, die je zo aanraakt of aankijkt , met liefde – die je laat voelen dat jij speciaal bent.. geloof je het dan nog, dat je de moeite waard bent?
Laatst ontdekte ik op internet een soort trend: meisjes (vooral meisjes…) zetten op youtube een zelfgemaakt filmpje waarin ze vertellen wie ze zijn en vragen aan de kijker ‘ben ik mooi.. of niet’. De kijker wordt gevraagd om te reageren. Een oordeel te geven eigenlijk.
Ik schrok ervan. Waarom leveren meisjes (zouden jongens zoiets bedenken) zich over aan het oordeel van wie dan ook.. maken ze zich daarvan afhankelijk?
Ergens las ik een mooi advies.. dat ik nog niet in praktijk heb gebracht, eerlijk gezegd… ga af en toe eens bloot voor de spiegel staan en kijk naar jezelf. En realiseer je dan hoe mooi je bent. Kijk alsof God over je schouder meekijkt. Met de ogen van de Eeuwige. Hij heeft je bijna goddelijk gemaakt.. schrijft psalm 8.
vergeet dat niet.

In Jesaja is het God zelf die de hand vraagt van een heel volk dat is als een verlaten vrouw. Zij is als de bruid van de eeuwige.. niet vergeten en alleen, maar zijn geliefde.
God gaat een relatie aan met wie alleen is, juist met wie dreigt over te schieten misschien.. die als eerste. God verheugt zich over zijn bruid: hij is blij met jou.
Hij is blij met wie niet de moeite waard gevonden wordt – vanwege handicap, huidskleur, geaardheid..
Nonnen die het klooster in gingen deden dat als bruid van Christus – je kunt er om giechelen (mijn oudste begon onmiddellijk met theorieën dat jezus toch eigenlijk getrouwd was met Maria Magdalena, hij is bezig in de Da Vinci Code) , maar het brengt wel mooi in beeld hoe God niet ver van mij en jou wil blijven. Maar je partner wil zijn.. ‘met hart en ziel aan ons getrouwd’ dicht Huub Oosterhuis.

Een poster van Loesje zegt:  “het leven is een feest, en jij bent uitgenodigd.”
Is dat zo.. is het leven een feest?
Is ons leven het ‘goede leven’ waar de wijn van Kana symbool voor staat?
Het intrigerende aan het verhaal is natuurlijk dat de wijn op raakt. Was de wijn rijkelijk blijven vloeien en iedereen blij, dan was het niet een verhaal geworden dat onze aandacht pakt.
Juist als het stokt, de feestvreugde, dan komt het er op aan. Wat dan?
Dan is Jezus er…
Het klinkt simpel.
En dat is het natuurlijk niet.
In het verhaal moet er nog letterlijk hard gewerkt worden, door het slepen met liters water. Dan pas kan er wijn ontstaan. Beter nog dan wat er eerst was.. ook zo mooi – de wijn wordt er beter op, door tegenslag, een crisis, in de loop van het leven – de kleur verdiept zich, de kwaliteit groeit.

Ineens is er weer wijn.. op die derde dag is het leven weer ‘goed’ (tof in het hebreeuws, de taal van het oude testament, van Genesis) – God zag dat het tof was.
Dag van grond onder de voeten, een toffe dag.
Aan het begin van het jaar had ik een goed voornemen. Ik las ergens over een mooie manier om je iets voor te nemen – kies één woord voor het komende jaar. Geen onmogelijke voornemens, maar een woord dat je helpt om het jaar op een bepaalde manier in te stappen.
Mijn woord werd dankbaarheid.
En dat heeft heel erg te maken met die grond onder de voeten van de derde scheppingsdag, van dinsdag hoopdag. Het gaat om bewust stilstaan bij de grond die me draagt. Niet zo gedachteloos door hollen van de ene taak naar de andere, van de ene verwachting naar de ander, jagend naar waardering en bevestiging (ik doe het allemaal…). Maar bewuster om me heenkijken, de lucht inademen, en zien wat er aan goeds is om me heen. Dankbaar…

Dat heeft met zegenen te maken. In het latijn is het woord van zegenen ‘benedicere’ – letterlijk ‘goed zeggen’ Je zegt het goede toe, je wenst het toe, je haalt het naar boven.
Dat is wat God doet in de schepping – hij zag dat het goed was, het krijgt zijn zegen mee.
Dat mogen wij ook doen, heel dichtbij.
Eigenlijk is dat wat je doet als je aandacht besteedt aan wat er om je heen is. Met je aandacht koester je en haal je door je blik het goede naar boven. Je kijkt het tevoorschijn. Je kunt er ook langslopen, het niet opmerken in je haast. Maar door erbij stil te staan zegen je het. Je ziet dat het goed is, tof.
Misschien is dat het moment dat er soms, een wonder gebeurt. Dat water wijn wordt.. je ziet in het gewone ineens het feestelijke, het goede van het leven.
Het goede leven is niet één groot feest.
En wat hier ook nog meespeelt – de wijn verwijst naar het goede leven maar ook naar de dood van Jezus. Het goede leven is ten diepste, bij Jezus – het delen ervan. Hij houdt het niet voor zichzelf, maar geeft zich.
Het leven is niet één groot feest. Maar we worden wel door God gevraagd als zijn partner… zijn geliefde.. in de dans van het leven. Bij ups en downs. Door dik en dun. Of je nu nog in je trouwpak of –jurk past of niet.
God zegent ons gewone leven. Elke dag weer is er grond onder onze voeten.

God,
ik kom u tegen op aarde,
aan de hemel zie ik sporen van u:
zoveel sterren, de maan -
uw werk.
Denkt u daar in het oneindige heelal
ook aan een kind,
aan mij, mensenkind?
De ogen van een kind,
een baby die in mijn armen wordt gelegd -
het vertelt me van het wonder
dat u ons bijna goddelijk gemaakt hebt,
met heel de aarde aan onze voeten
om te belopen
en te bewerken.
U vertrouwt ons het toe.
God, ik kom u tegen
overal op aarde.
(psalm 8 in een vrije vertaling)

maandag 15 april 2013

Missie?

Voel ik me zendeling? Wat is mijn missie? Uitgenodigd om voor een ontmoeting met collega's iets op papier te zetten is hier de poging van maandagmorgen 15 april.. 


Mijn missie: de tegenstem van het evangelie laten klinken, in het verlangen dat mensen ervaren dat God met ons omgaat. Ik wil ruimte maken – plekken open houden - voor de verhalen over God en mensen, in een cultuur waar kennis en ervaring van de God van de Tora en de profeten en van Jezus Christus bepaald niet vanzelfsprekend is.
Er is geen nut (– zo vind je gelukkiger leven of verantwoordelijker leven), geen claim ( – het ware leven is hier te vinden), geen norm (– dit is hèt goede leven) .. Geraakt-zijn en relatie, niet van mij als individu maar van de 'wolk van getuigen' vormen de grond voor het 'getuigen'.
Kerk – als gemeenschap van mede-leerlingen door de eeuwen heen - is daarvoor mijn basis, en de plek waar ik mensen wil uitnodigen om kennis en ervaring op te doen.
Kerk onderweg: dauwtrappen, Hemelvaartsdag 2010
Het instituut kerk biedt daarvoor de mogelijkheden, maar is tegelijk een beperking.
Dat 'naar de kerk gaan' voor velen alleen betekent: op zondagmorgen om 10 uur in een gebouw in een bank schuiven, dat vind ik jammer. Ik wil het begrip 'kerk' veel meer oprekken, mogelijkheden verkennen.
Het liefst zoek ik naar sporen van kerk op de pleinen en in de huiskamers – of die nu uit stenen bestaan, of virtueel gebouwd zijn – daar waar mensen leven.
Praktisch kiezen we in de gemeente Cothen voor 2 sporen:
- dat van de klassieke gemeente, die elkaar ontmoet op zondagmorgen
- en dat van het diffuse 'netwerk' er omheen, van mensen die zich niet zo verbinden
Het vreet energie om op beide sporen verder te gaan. En de vraag blijft knagen, of er genoeg gemeente overblijft om het netwerk te voeden: wat als de gemeente 'op' raakt? Maar ik kan niet anders.. de drang om het evangelie uit te dragen is te groot. 

zondag 31 maart 2013

Open armen


Het is een bijzonder verhaal, dat verhaal van Jezus. Zijn lijden, alleen, zijn dood, onschuldig.
Maar... is het onder ons niet doodnormaal dat één iemand wordt afgerekend op wat er fout gaat?
Dat er één verantwoordelijk wordt gehouden en al het onbehagen, de ongerustheid, de boosheid over zich heen krijgt?
De wielrenner die alle boosheid en teleurstelling om een besmette sport treft.. het was niet zo mooi als we dachten en wilden. Daar moet iemand voor boeten, schuld voor belijden, vergiffenis vragen.
Waarschijnlijk zijn allen schuldig, maar wij willen er één zien die de schuld op zich neemt, op de bank bij Oprah.
De bankier die alle kwaadheid om en onrust om wankelende banken over zich heen krijgt gestort. Hij moet schuld bekennen, door het stof, anders komen we zijn enorme villa bezoeken, of bombarderen we hem via sociale media. Waarschijnlijk zit de neiging om te graaien als het gemakkelijk kan in velen van ons, maar we kijken naar die ene – hij heeft het gedaan. Als we maar naar hem blijven wijzen..
De minister die de angst dat ons geld niet veilig is, onze zekerheid – de angst ook van journalisten en tv presentatoren – en ter verantwoording wordt geroepen: liever liegen over wat nodig is, dan de financiële markten onrustig maken. Eerlijkheid levert verlies op. En dat verlies moet iemands schuld zijn.. terwijl we allemaal deel zijn van het probleem. Die ene – die had het anders moeten doen, want door hem gaat het fout.

´We zijn één wereld` zong Jezus in the Passion op Witte Donderdag. De problemen die er zijn zijn niet van hen, maar van ons. 
Maar we hebben zo de neiging om er een ander op af te willen rekenen. Een schuldige te zoeken om onze angst en onrust te sussen. Een oplossing is nog niet dichterbij, maar het lucht op om te kunnen wijzen naar iemand. Dan kun je vervolgens gewoon weer verder?

Dit begint op een donderpreek te lijken..
en het gaat natuurlijk over het tegenovergestelde vandaag! Om opstanding, blijheid, jubel, vreugde.. feest…
Want er is iets veranderd.   
Door die ene, door Jezus.
Ik loop al dagen met de liedjes van de Passion in mijn hoofd, en vooral met dat liedje dat Jezus – in de persoon van René van Kooten – zong op het strand, het Gethsemane van Den Haag.
Ik heb je lief.. ik heb je liever.. liever dan mijn leven.. dan om het even wat..
Daar draait het om, dat keert de boel om, een wending ten goede.. daar staat iemand op. Wijst niet naar anderen, maar omarmt mij, jou, de bankier en de spaarder, de fietser en de bankzitter, de minster en de buurman, het slachtoffer en de dader.. met onze fouten en verdriet. Hij rekent ons niet af op onze daden. Wij zoeken iemand die de schuld kan dragen.. en hij wordt dat, vrijwillig.
Hij omarmt ons.. met alles wat we zijn..
Hij ontwijkt niemand door de andere kant op te kijken, hij verzet zich niet door naar een ander te wijzen, hij weer niet af, slaat niet terug, hij relativeert niet weg. Hij staat daar en laat het volledig op zich af komen. Alles wat wij meebrengen, donker en licht, alles. Met compleet open vizier, met open armen.
En zo wordt kwaad omgekeerd tot goedheid.. slaat haat om naar liefde.. en breekt in duister licht door.

De kracht om niet naar een ander te wijzen maar zelf op te staan en op te komen voor een ander – die wordt vandaag in ons wakker gemaakt.
Niet met een goedkoop moralistisch verhaaltje met een opgeheven vinger.
Maar doordat er iemand is die daar staat, armen open – voor alles wat wij zijn. Geen oordeel, geen afwijzing.. hij draagt het. Zonder enige reserve draagt hij wat wij met ons meebrengen. Het kruis is gemaakt van al het donker in ons. Hij draagt het kwaad en versterkt het goede..  
En dan.. wat gebeurt er dan, als iemand dat doet? Het kwaad van de wereld toelaat, en draagt..
Dan is het drie dagen doodstil. Stil als het graf. Koud is het, winters koud.

Maar er is iets veranderd. En waar wij het niet zien, verborgen,  groeit er iets.
Het is het geheim van stille zaterdag. Het geheim van het zaad dat in de grond rust, en groeien gaat. We zien het niet, en doorgronden het niet..
Maar in de stilte, de kou en de machteloosheid.. op het diepste punt.. daar breekt het licht door.
Het is Gods geheim. Dat hij doet opstaan, de liefde doet opstaan. Een mens doet opstaan.. zijn zoon doet opstaan, uit de dood.
Dat Hij het goede in ons doet opstaan, versterkt wat er is aan goede wil, aan liefde…

Het wordt licht en terwijl in Maria’s lijf nog het donker van de nacht heerst, en de tranen haar verblinden, breekt het licht door.
Ze hoort haar naam. Hij leeft. En zal nooit meer sterven.
Hij zal voor altijd haar hand pakken om haar te helpen, haar op te richten.
Ze moet wel zingend weggegaan zijn, uit die tuin. Terug naar huis
God laat ons zingen na een lange nacht. Hoe dat gaat, dat is het geheim van Stille zaterdag.. maar hij laat ons weer zingen. 

woensdag 27 maart 2013

Witte Donderdag: breken en delen

Een foto die je doet denken: wie zijn de leerlingen van Jezus eigenlijk, wie zijn zijn vrienden?

laatste avondmaal, Raoef Mamedov

Daar, aan dat meer
Brak hij het brood

Iets dat niet gebroken wordt
Kan ook niet worden gedeeld

Hij deelde het brood
Allen werden gevoed

Ze zeggen van hem
Dat hij als God was

Dat God liefde is
Liefde, groter dan de dood.

Hij deelde de liefde
Maar het voedde niet

Dus

Daar, aan dat kruis
Brak hij zichzelf

Inger van Nes

dinsdag 26 maart 2013

De minste willen zijn.. woensdag in de Stille Week


Zie de mens:
dat moet een koning verbeelden
is hij niet om te lachen
te huilen?

Dat wat hij spiegelt
zou de waarheid zijn:
de mens? -
weg met hem

Dit diepste geheim:
dat hij dit wilde
staan waar onze schaduw viel
gaan in het buitenste duister
geen mens meer
godverlaten
een eeuwigheid lang -
en door zoveel overgave
onze slagschaduw delgde
het duister deed vluchten - 

het licht van de morgen
lacht:
zie de mens

dinsdag 19 maart 2013

Lord of the Dance; Jezus de dansmeester


Een dansende Jezus die ons als de dansmeester ten dans vraagt.. wat een mooi beeld vind ik dat. Hij is degene die lijdt met ons, maar hij neemt ons ook bij de hand in het genieten van het leven. Hij leert ons het de danspas van het volle leven... geen angst, geen reserve, maar overgave.
Er zijn geen woorden nodig; in dans wordt voelbaar hoe de beweging van het leven is. Verlangen naar een ander, de vreugde van het vinden en het gemis van de verwijdering; het loopt vloeiend in elkaar over. We dansen op de klanken van het Hooglied een dans van toenadering en verwijdering, een dans van verlangen naar de Eeuwige.
Jezus, Lord of the Dance - pak ik zijn hand?

Dans, en weet dat je bestaat
dans een dans op hete kolen
dans de gaten in je zolen
dans tot de planeet vergaat

dans als alles is gezegd
dans tot je de tijd vergeet
dans zoals je ademhaalt
dans tot je de weg weer weet



dans om nooit meer stil te staan
dans de sterren en de maan
dans de bomen en het bos
niets meer vast en alles los.

Ingmar Heytze


zondag 3 februari 2013

Jezus preekt...

preekstoel
Protestantse kerk Cothen
foto: Arno de Reuver
Woorden bij Lucas 4: 14-30

Jezus staat op in de synagoge, leest uit de bijbel (de boekrol van de profeet Jesaja, een van de profeten in de Hebreeuwse bijbel) en gaat zitten. Preken gebeurde zittend. Hij heeft er maar één zin voor nodig: 'wat jullie horen is vandaag vervuld'. Punt
Zo ging ds. Joan Roëll volgens de overlevering (ik was er niet bij) op Paasmorgen de preekstoel in Wijk bij Duurstede op en zei: 'De Heer is waarlijk opgestaan! Amen'. Punt. Sommige mensen waren not amused. Anderen zijn deze boodschap nooit meer vergeten.
Maar wat is de kern van Lucas 4, vers 14-30? Ik kan het niet in één zin zeggen.

Jezus kwam net uit de woestijn, waar het stiller is dan waar ook.. waar je God ontmoeten kunt en jezelf tegenkomt. Hij was tot de kern gekomen.
De mensen kijken hem vol verwachting aan. Alle ogen van Nazareth vol verwachting op hem gericht.
Maar... dan trekt hij alsnog van leer. Als een ouderwetse dominee die elke zondag over de zonde begint terwijl er nog geen aanwijsbaar kwaad gedaan is. Met opgeheven vingertje. 
Of zou hij het goed zien? Ziet hij wat wij niet zien, in de ogen van de mensen daar in Nazareth?
Wie zitten er voor hem, in die synagoge? Zijn het de armen, blinden, verdrukten, gevangenen waar hij over spreekt? Wie zitten er in het dorp waar deze lezing opnieuw klinkt in de kerk - gaat hier over ons?
Natuurlijk wel.. armen zijn degenen aan de zijlijn, die niet mee kunnen in de flow van de samenleving. Die zijn er hier ook.
Door ziekte ben je ineens uit het lood geslagen, stil gezet, je lichaam laat je in de steek.. of je merkt dat het op je werk niet gaat, teveel gebeurd, teveel aan je hoofd. De zorg voor een ander put je uit.. je wilt het graag doen, met liefde, maar het kost wel veel, veel vrijheid. Alle taken die je op je neemt, het is eigenlijk teveel bij elkaar, en je zit er in vast.. Je komt financieel steeds verder in de problemen, maar je durft het niemand te zeggen, en de schaamte verlamt je. Je wordt ontslagen en je hebt het gevoel dat je helemaal niet meer meedoet, dat je niets te vertellen hebt als ze vragen wie je bent.. want wie ben je nu nog? Je leeft van een pensioen maar je krijgt het gevoel dat je niet meer meetelt, dat wat je bijgedragen hebt niets meer waard is.

Statenbijbel in Cothen
foto: Margo van de Pavert
Jezus is gekomen om te bevrijden dus.. een en een is twee: hij is er voor ons.
Maar.. er is een maar. 
Een dorp, Nazareth.. het kan een gesloten gemeenschap zijn. Gesloten voor buitenstaanders – als je er niet geboren en getogen bent. Maar ook naar binnen, naar wie er wel vandaan komt, kan het hard zijn. Je krijgt de ruimte niet om anders te zijn dan men van je verwacht.. de druk om te doen wat je familie altijd gedaan heeft, of wat men in het dorp altijd doet, die kan groot zijn.
Jezus is de zoon van de timmerman. Dat hij zoon van God is, dat hij door de Geest in de woestijn veranderd is misschien, dat gaat er niet in.
Het is veilig, in zo’n kleine gemeenschap, maar soms ook beklemmend. Ze kennen je allemaal, of ze denken je te kennen. En voel je dan maar eens vrij, om anders te zijn..
Voel je maar eens vrij om je te laten veranderen.. door God.
Is dat de zere plek waar Jezus hier de vinger op legt? Dat God en mens hier niet echt de ruimte krijgen, binnen het dorp?
Of wil hij de mensen van het dorp in hun kraag grijpen om ze bewust te maken van wat er buiten het dorp is?
Waar zijn de armen? Waar zijn degenen die onvrij zijn? Moet je daarvoor niet verder kijken, verder weg, verder dan je neus lang is?
Wij zijn bij elkaar betrokken en kijken naar elkaar om, maar hoe zit het met ‘zij’. De arme die we niet tegenkomen, het verdriet dat we alleen op een tv scherm zien, of zelfs daar niet eens, de onderdrukte die zich op uren vliegen afstand bevindt.. raakt ons dat ook, gunnen we die ook bevrijding? En dan gunnen in de zin van: evenveel gunnen als onszelf.
Misschien is dat wat Jezus ziet – dat de verwachting van degenen voor hem beperkt is tot eigen leed en leven. De hoorders willen het – misschien onbewust – liefst voor zichzelf houden. En ze hebben het idee dat dat ook nog hun goed recht is. Ze hebben recht op Jezus aandacht, op geluk en welvaart door zijn toedoen, op verbetering in hun lot. Want Jezus is één van hen.
En daarmee verdwijnen die anderen, die talloze mensen die ook minstens zoveel snakken naar iemand die hen ziet en iets voor hen doet uit het zicht.Als je het niet zelf ziet, ruikt, aan kunt raken.. dan komt het leed van een ander niet binnen. En ben je niet zo geneigd om je geld weg te geven, of je tijd.

Jezus laat zijn eigen mensen, in zijn dorp, in een pijnlijke spiegel kijken. Hoeveel vrijheid geven ze elkaar om door God veranderd te worden? Hoeveel gunnen ze 'hen' van Gods bevrijding?
Iemand die bedreigt wat je bekend en vertrouwd is, die je in een pijnlijke spiegel laat kijken, die kritisch is, die sla je. Misschien niet letterlijk.. je slaat van je af, in plaats van het binnen te laten komen.

Jezus is er voor de armen.. maar daarvoor moet je wel in de spiegel kijken en zien, waar je armoede zit. Daarvoor moet je het wel van God verwachten. En het een ander gunnen.

Amen

Cothen, protestantse gemeente, zondag 3 februari 2013