In een van de laatste schoolweken maken brugklasleerlingen van het Revius Lyceum Wijk bij Duurstede kennis met vrijwilligerswerk. Het maatschappelijke stage project voor brugklassers heet 'De Jeugd van Tegenwoordig' en bestond dit jaar uit 9 verschillende projecten voor 10 klassen.
'De kerken in 100 gezichten' was één van die projecten; 2 klassen van in totaal 45 leerlingen interviewden in groepjes van 4 bijna 70 kerkelijke vrijwilligers. Ze fietsten door weer en wind de gemeente Wijk bij Duurstede door, tot ver in Overlangbroek, om bij hen op bezoek te gaan.
Het steunpunt Vrijwilligers, het Revius en het Beraad van Kerken (waarin de 9 kerkgemeenschappen van Wijk bij Duurstede samenwerken) hebben het project samen opgezet.
Uit alle kerken werden vrijwilligers gevraagd: jong en oud, met taken die variëerden van het schoonmaken van de kerk, het leiden van de kinderclub tot het beamerteam.
Waar moet je aan denken als je het woord 'kerk' hoort vroeg ik hen bij de introductie op maandag. 'God' scoorde hoog, 'oma' kwam veel langs en het kerkgebouw ook. Een enkeling durfde hardop te zeggen dat 'saai' was wat hij het eerste dacht.
Het beklimmen van de toren van de Grote Kerk vonden ze allemaal leuk, maar tot hun eigen verrassing was het ook leuk om de vrijwilligers te gaan interviewen over vrijwilligerswerk.
En de vrijwilligers.. die vonden het geweldig om 4 tieners met zelf bedachte vragen, hun Ipad in de aanslag om op te nemen, op bezoek te krijgen.
Ontdekkingen
Wat blijkt uit de presentaties aan het einde van de week? Leerlingen die dachten dat het in de kerk alleen maar over 'God' zou gaan ontdekten dat vrijwilligers het er ook gezellig vinden en er anderen ontmoeten. De kerk is meer dan geloven in God alleen.
Ze ontdekten dat kerk meer is dan een gebouw en een dominee; het bestaat uit een heel netwerk van mensen.
Uit de presentaties blijkt ook dat het voor deze brugklassers ondoenlijk al die kerken uit elkaar te houden. Regelmatig hebben ze een vrijwilliger aan een andere kerk gekoppeld dan waar zij of hij bij hoort. Vier kernen, zes kerkgebouwen, negen kerkelijke gemeenschappen.. het is ook best onoverzichtelijk.
De geïnterviewde vrijwilligers laten het woord God nauwelijks vallen. Op een enkeling na (vooral leden van de evangelie- of baptistengemeente), die de leerlingen iets laat zien van het religieuze motief om zich juist voor de kerk in te zetten. Het plezier dat de vrijwilligers hebben in wat ze doen is wel heel duidelijk. 'Anders zou ik er wel mee ophouden', is meerdere malen te horen.
Sommige leerlingen vragen op ontwapenend directe wijze naar het geloof van de vrijwilliger. Zo logisch als het voor hen is dat het in de kerk over God gaat (waar anders over?), zo duidelijk is het ook dat je deze mensen daarover een vraag kunt stellen. "Gelooft u echt in God' is een vraag die sommigen van hen echt leeft. Sommige vrijwilligers moeten daar wel even over nadenken.
En, niet onbelangrijk, uit de presentaties blijkt ook dat ze veel hebben geleerd over vrijwilligerswerk. Dat het onmisbaar is bijvoorbeeld en degenen die het doen het helemaal niet erg vinden dat ze er niet voor betaald worden!
Eerder schreef ik al: dit project creëert 70 kansen voor gesprek tussen tieners en 'mensen van de kerk'. Zeventig kansen om te ontdekken wat hun vragen zijn. Zeventig kansen om gastvrij te zijn voor hen. En misschien hebben 'wij van de kerk' daar minstens zoveel van geleerd als zij...
En dit is nog maar een voorlopige 'oogst'...
Reporters (ook brugklasleerlingen) volgden alle projecten op de voet. Ook van 'De Kerken in 100 gezichten' maakten ze een verslag en filmpjes.
Posts tonen met het label wijk bij duurstede. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wijk bij duurstede. Alle posts tonen
donderdag 10 juli 2014
brugklassers vragen...
Met verwondering kijk ik hoe brugklasleerlingen heel directe vragen stellen aan ‘kerkmensen’. Op de achtergrond klinkt het gerinkel van kopjes en het gepraat van vrijwilligers in de katholieke pastorie van Cothen. Het zou gaan over vrijwilligerswerk, maar de tieners hebben zo hun eigen vragen.
Het is een filmpje dat gemaakt is tijdens de maatschappelijke stage-week waarin leerlingen van het Revius kennismaken met vrijwilligerswerk.
‘De kerken in 100 gezichten‘ * houdt in dat leerlingen in 3 dagen bijna 70 vrijwilligers uit de kerken interviewen om te ontdekken wat hen motiveert in wat ze doen.
Maar wat we niet hadden bedacht: het is ook een kans om te ontdekken wat de vragen van deze tieners zijn. Het zijn bijna 70 kansen voor gesprek tussen tieners en ‘mensen van de kerk’…
Donderdagmorgen presenteren de leerlingen wat ze gehoord, gezien en opgestoken hebben. Ik kan niet wachten om even door hun ogen mee te kijken.
Donderdagmorgen presenteren de leerlingen wat ze gehoord, gezien en opgestoken hebben. Ik kan niet wachten om even door hun ogen mee te kijken.
* Het Vrijwilligerssteunpunt van Stichting Binding, het Revius Lyceum en de kerken die samenwerken in het Beraad van Kerken zijn verantwoordelijk voor de organisatie van dit project.
zondag 12 januari 2014
zaterdag 20 juli 2013
kerk zonder muren
Op lange zomeravonden met vakantie in zicht is er tijd om te mijmeren over het
seizoen dat bijna voorbij is. “Kerk zonder muren..” die titel zou ik boven het
hoofdstuk van de laatste
maanden zetten.
De
Pinksterviering op de Markt (georganiseerd door de WIjkse kerken) was daarvan het meest in het oog springende voorbeeld.
Op die zondagmiddag van eerste Pinksterdag waren er geen muren die afstand
schiepen tussen wie binnen en buiten was, tussen wie er wel en niet bij hoorde.
In
de buitenlucht op de Markt konden voorbijgangers, terrasbezoekers en toeristen
vrijblijvend meeluisteren, op de stoelen plaatsnemen of zelfs meedoen door een
gebed naar voren te brengen.
Nog
maar een dag later hielpen vrijwilligers uit verschillende kerken om de deuren van de Cothense kerken
gastvrij open te zetten.
Toen bekend werd dat de broertjes Ruben en Julian gevonden
waren in onze gemeente was het voor degenen die (via het Beraad van Kerken) al
langer bezig waren met de vraag ‘wat is de rol van de kerk bij een crisis’
heel vanzelfsprekend om koffie te
zetten
en beschikbaar te zijn. Mensen konden
kaarsjes aansteken en een boodschap
opschrijven,
en ze konden even hun verhaal kwijt. De muren van de kerk waren nu een
plek waar binnen onoplosbare vragen gesteld konden worden, onder het
beschermende dak van Gods liefde. Kerkelijk of niet, afkomstig uit Cothen of Wijk
of niet, gelovig of niet, met nieuwe vragen of oud verdriet – de deur stond
voor al deze mensen
open
en er brandde licht. Binnen de muren van het gebouw vielen de muren weg.. En
dit alles gebeurde in goed overleg met de burgemeester. Meer lezen..
Een
derde ervaring van kerk zonder muren had ik tijdens de Preek van de Leek , in maart en
april in het Calypsotheater. Bewust zochten we als organisatie (Henk Kroese , Coby Oppewal , Tom van
Ginkel en ondergetekende) het theater uit als plek van handeling, en vroegen we
een leek om over haar/ zijn inspiratie te vertellen. We wilden daarmee zichtbaar maken
dat geloof leeft op Markt, op de pleintjes en in de straten van
Wijk bij Duurstede, en niet voorbehouden is aan dominees
en andere insiders. Een open deur natuurlijk.. maar zijn we ons daar echt van
bewust?
Onze
tijd vraagt erom dat we -waar we maar zijn - woorden zoeken voor datgene waar
we in geloven. Ook buiten de kerkmuren… Degenen die tijdens de Preek van de Leek de preekstoel
beklimmen in het Calypsotheater gaan ons daarin voor. Zij geven het goede
voorbeeld, en vertellen wat hen inspireert.
ZIN
in Wijk bij Duurstede is ook bedoeld als een netwerk waar muren afwezig zijn.
Op het internet bestaan muren niet en kan wie dat wil zomaar aansluiten (of
weer uitloggen). ZIN is niet alleen een website, dus een virtuele plek waar je
inspiratie kunt
ophalen,
maar ook een ontmoetingsplek. De kloosterdag van ZIN was daarvan een voorbeeld. God ontmoeten, tot jezelf komen en met anderen in
gesprek zijn – dat alles bij elkaar maakte het tot een dag van ontspanning, een
dag ‘heilige ruimte’.
Kerk
zonder muren… er borrelen al voorzichtig ideeën voor een nieuw seizoen.
donderdag 30 mei 2013
In de krant.. de rol van kerken bij een crisis
De kerk als ruimte voor het delen van de vragen
Hanneke Goudappel
donderdag 23 mei 12:45
Ineens komt iets waar je van afstand naar hebt gekeken, je eigen wereld binnen. Zo omschrijft ds. Rebecca Onderstal uit Cothen het moment waarop de lichamen van de broers Julian en Ruben uit Zeist vlak buiten het dorp werden gevonden.
De lichamen werden zondag door voorbijgangers gevonden. ,,Die zondagmiddag hadden we als kerken van Wijk bij Duurstede en omgeving een grote pinksterviering op de markt in Wijk bij Duurstede. Daar was ook gebeden voor de kinderen. We waren aan het opruimen toen het bericht kwam dat de lichamen mogelijk waren gevonden.”
Schrik
Wijk bij Duurstede had al een extra betrokkenheid bij de situatie, omdat de vader van de jongens hier vandaan komt, en er familie en vrienden van hem wonen. ,,Nu was ook mijn eigen gemeente Cothen, ineens verbonden aan het vinden van de jongens”, blikt ds. Rebecca Onderstal, predikant van de protestantse gemeenten in Cothen en Wijk bij Duurstede, terug. ,,Ik kwam met grote schrik thuis.”
’s Avonds twitterde de predikante: ‘Ik zet de deur van onze kerk maar open.. kaars aan.. #cothen #protestantsekerkaandeBrink’. ,,Daar kwamen ontzettend veel reacties op via de sociale media”, vertelt ze.
Vervolgens heeft ze met de burgemeester gebeld. ,,We zijn in Wijk bij Duurstede een paar jaar geleden gaan nadenken over de rol van de kerken bij een crisis. Na de Bijlmerramp heeft de Protestantse Kerk in Nederland daarvoor een cursus ontwikkeld. Die hebben we als kerken in Wijk bij Duurstede gevolgd. Alle kerken hebben toen de intentie uitgesproken dat wanneer er iets zou gebeuren, wij voor de pastorale zorg zorgen.”
Verdriet en vragen
De burgemeester nam het aanbod van Onderstal om de kerk open te doen, aan. ,,Ook de katholieke kerk was open. De Mariakapel bij deze kerk is eigenlijk altijd open.”
Op maandagochtend was het vooral de pers die naar de kerken kwam. ,,Later die dag kwamen er ook veel mensen die even een kaars wilden opsteken. Ze konden iets opschrijven als ze dat wilden. Daar werd veel gebruik van gemaakt. Het was tweede pinksterdag, en was weinig open waar mensen elkaar konden treffen.”
Het ging niet om grote stromen mensen die de kerken bezochten, zegt Onderstal. ,,Het ging in de protestantse kerk om tientallen, in de katholieke kerk kwamen er nog meer mensen. Geen ramptoeristen, maar mensen met verdriet en heel veel vragen. Je ziet bijvoorbeeld mensen voor wie deze gebeurtenis raakt aan oud verdriet. Aan iets heftigs wat ze zelf hebben meegemaakt. Ook kwam ik mensen tegen die zelf met een scheiding hebben te maken (gehad). De teneur was verbijstering.”
Koffie
Terugkijkend meent Onderstal dat de kerk openstellen het beste is wat je als kerkelijke gemeente kunt doen in een crisissituatie. ,,Veel meer hoeft niet. Zorg dat er kaarsjes zijn, zorg voor vrijwilligers en zet koffie.”
,,Ik vergelijk de kerk met een vriendenkring – een stenen beeld van mensen in een kring, die de armen om elkaar hebben geslagen, met in het midden het Licht”, zegt Onderstal. ,,In een situatie als deze zoeken mensen vaak naar schuldigen, op wie ze hun boosheid kunnen richten. De kerk is een plek die de ruimte biedt voor de vragen, en die ze openlaat. Een plek waar je een lichtje aansteekt, als teken van hoop, van verwachting, van de aanwezigheid van God.”
Burgemeester Tjapko Poppens van Wijk bij Duurstede heeft gisteren een bezoek gebracht aan de ouders van de vader van Julian en Ruben. Volgens de burgemeester heeft de Wijkse gemeenschap veel begrip voor het verdriet van de familie van de vader. Dat merkt ook Onderstal. ,,Het is onze verantwoordelijkheid om ook met hen mee te leven. Dit hebben ze niet kunnen zien aankomen. Familie en vrienden kenden de kinderen goed. Zij moeten hier ook mee verder.”
Schrik
Wijk bij Duurstede had al een extra betrokkenheid bij de situatie, omdat de vader van de jongens hier vandaan komt, en er familie en vrienden van hem wonen. ,,Nu was ook mijn eigen gemeente Cothen, ineens verbonden aan het vinden van de jongens”, blikt ds. Rebecca Onderstal, predikant van de protestantse gemeenten in Cothen en Wijk bij Duurstede, terug. ,,Ik kwam met grote schrik thuis.”
’s Avonds twitterde de predikante: ‘Ik zet de deur van onze kerk maar open.. kaars aan.. #cothen #protestantsekerkaandeBrink’. ,,Daar kwamen ontzettend veel reacties op via de sociale media”, vertelt ze.
Vervolgens heeft ze met de burgemeester gebeld. ,,We zijn in Wijk bij Duurstede een paar jaar geleden gaan nadenken over de rol van de kerken bij een crisis. Na de Bijlmerramp heeft de Protestantse Kerk in Nederland daarvoor een cursus ontwikkeld. Die hebben we als kerken in Wijk bij Duurstede gevolgd. Alle kerken hebben toen de intentie uitgesproken dat wanneer er iets zou gebeuren, wij voor de pastorale zorg zorgen.”
Verdriet en vragen
De burgemeester nam het aanbod van Onderstal om de kerk open te doen, aan. ,,Ook de katholieke kerk was open. De Mariakapel bij deze kerk is eigenlijk altijd open.”
Op maandagochtend was het vooral de pers die naar de kerken kwam. ,,Later die dag kwamen er ook veel mensen die even een kaars wilden opsteken. Ze konden iets opschrijven als ze dat wilden. Daar werd veel gebruik van gemaakt. Het was tweede pinksterdag, en was weinig open waar mensen elkaar konden treffen.”
Het ging niet om grote stromen mensen die de kerken bezochten, zegt Onderstal. ,,Het ging in de protestantse kerk om tientallen, in de katholieke kerk kwamen er nog meer mensen. Geen ramptoeristen, maar mensen met verdriet en heel veel vragen. Je ziet bijvoorbeeld mensen voor wie deze gebeurtenis raakt aan oud verdriet. Aan iets heftigs wat ze zelf hebben meegemaakt. Ook kwam ik mensen tegen die zelf met een scheiding hebben te maken (gehad). De teneur was verbijstering.”
Koffie
Terugkijkend meent Onderstal dat de kerk openstellen het beste is wat je als kerkelijke gemeente kunt doen in een crisissituatie. ,,Veel meer hoeft niet. Zorg dat er kaarsjes zijn, zorg voor vrijwilligers en zet koffie.”
,,Ik vergelijk de kerk met een vriendenkring – een stenen beeld van mensen in een kring, die de armen om elkaar hebben geslagen, met in het midden het Licht”, zegt Onderstal. ,,In een situatie als deze zoeken mensen vaak naar schuldigen, op wie ze hun boosheid kunnen richten. De kerk is een plek die de ruimte biedt voor de vragen, en die ze openlaat. Een plek waar je een lichtje aansteekt, als teken van hoop, van verwachting, van de aanwezigheid van God.”
Burgemeester Tjapko Poppens van Wijk bij Duurstede heeft gisteren een bezoek gebracht aan de ouders van de vader van Julian en Ruben. Volgens de burgemeester heeft de Wijkse gemeenschap veel begrip voor het verdriet van de familie van de vader. Dat merkt ook Onderstal. ,,Het is onze verantwoordelijkheid om ook met hen mee te leven. Dit hebben ze niet kunnen zien aankomen. Familie en vrienden kenden de kinderen goed. Zij moeten hier ook mee verder.”
* verschenen in het Friesch Dagblad en op de website Het Goede Leven op 23 mei 2013
zaterdag 18 mei 2013
Kracht die verbindt
Er was eens een stadje
aan een rivier. Het lag daar vredig tegen het water geplakt, terwijl het water
rustig voort kabbelde. Een mooi oud stadje was het.
Maar de mensen in het
stadje hadden hun deuren dicht en de gordijnen ook. Sommige huizen hadden zelfs
van die rolluiken die ze maar zelden omhoog deden.. Een enkeling had zijn
vensterbank volgebouwd met geraniums, maar wel zo, dat je niet naar binnen kon
kijken.
Het was ieder voor zich
in dit stadje…
Het was er stil op
straat. Er speelden haast geen kinderen buiten.
Er waren wel clubjes,
mensen die bij elkaar kwamen in gebouwtjes of kerken.. maar dan ging de deur op
slot zodra ze allemaal binnen waren. Zodat er maar niemand spontaan binnen zou
stappen.
Achter sommige voordeuren
was het best knus en gezellig.
Maar er waren ook mensen
die alleen zaten. Oudere mensen alleen aan tafel. Kinderen die niemand hadden
om mee te spelen.
Waren de mensen
ongelukkig in dat stadje?
Misschien wisten ze niet
beter..
Het was ieder voor zich
in dit stadje..
Maar er kwam een dag, dat
er vreemdeling de stad binnenwandelde.
Het viel niemand op.. natuurlijk niet, want ze zaten allemaal veilig achter hun voordeur.
Het viel niemand op.. natuurlijk niet, want ze zaten allemaal veilig achter hun voordeur.
En hij was ook niet
opvallend. Op het eerste gezicht niets bijzonders, gewoon een man.. niet heel
jong, niet heel oud..
Hij liep door de verlaten
straten. Ergens schoot iemand een hoek om, er sloeg een deur dicht. Een kind
gluurde door een kiertje tussen gordijnen .
De vreemdeling liep door
de straten, onopvallend.
Maar met zijn komst was de wind opgestoken in het stadje.
Door de poorten, van alle kanten waaide het naar binnen.
Maar met zijn komst was de wind opgestoken in het stadje.
Door de poorten, van alle kanten waaide het naar binnen.
Het was geen gewone wind,
maar een warme wind. Die de geur van seringen meebracht en van fluitekruid en
versgemaaid gras....
Het was een sterke wind
die door de straten stoof. Geen flauw briesje maar een krachtige wind.
Het vuil dat was blijven
liggen werd weggeblazen.
De wind rukte aan dichte
luiken en rammelde aan gesloten deuren. Waar een raam op een kiertje stond
waaiden de gordijnen als vlaggen naar buiten. Er dwarrelde overal losgeraakte
blaadjes van bomen door de lucht. De katten op straat renden er al achteraan..
De wind kroop door de
kieren die niet dichtgestopt waren en kwam de huizen binnen, en de gebouwtjes
en de kerkjes.
De kinderen merkten het
het eerst. En vroegen of ze naar buiten mochten. Ze wilden de straat op.. daar
gingen ze al. Ze speelden met de wind, lieten zich er bijna door omver blazen
en dansten door de straten.. Ze speelden
samen met de wind.. samen..
De ouderen volgden,
aarzelend, voorzichtig.. er ging hier en daar een deur open. Op een kiertje.
Een rolluik een stukje omhoog, een luik open..
Maar voor ze het wisten
was de deur helemaal opengevlogen, er was geen houden aan.
De mensen werden naar
buiten geblazen. De straat op. De een na de ander.
En die vreemdeling.. hij
liep met de kinderen de straten door. Huppelde met de wind mee en zocht naar
dichte deuren.. waar alles nog potdicht zat, klopten ze aan .. …Er gingen
steeds meer deuren open.
In dat stadje aan de rivier waaiden de angsten van de mensen één voor één
weg.. door de lucht vlogen, over de muur
van de stad ,
richting de rivier.. weg.. En iedereen vroeg zich af, waarom ze ook alweer zo
angstvallig binnen waren gebleven..
Nu alles open stond zagen ze ineens wie er naast hen woonde
Die buurman, wiens vrouw
al jaren geleden overleden was, maar wiens verdriet nog niet over was. Het
buurmeisje dat zo graag iemand wilde spelen.
De wind waaide buren die
elkaar niet kenden met al haar kracht naar elkaar toe.
En die vreemdeling..? Hij
ging ongemerkt weer weg.
En in het stadje gingen
er ook weer deuren dicht, en soms zelfs op slot.
Maar.. steeds als weer de
wind opsteekt, en de luiken gaan klapperen, de deuren openvliegen, dan
herinneren de mensen het zich weer… De kinderen gaan naar buiten en weten
weer dat ze kunnen spelen met de wind.
Samen.
En grote mensen laten de
deuren openwaaien en zitten op straat, samen
donderdag 21 maart 2013
Een sterk merk..
Het klooster is een sterk merk.. niet alleen trekken hippe BN-ers zich er een week terug in stilte (om er een stuk rustiger uit te komen) Het is de eeuwen door een plaats waar reizigers, outlaws en Godzoekers terecht kunnen. Een plek die buiten de kerkelijke hierarchie valt en waar kloosterlingen zich van de regels daarom niet veel aan trekken. Als tiener kwam ik voor het eerst bij de Benedictijnen in Oosterhout, en kwam er vele malen terug. Ik ging naar Taizé en het voelde daar steeds weer als thuiskomen. In retraitecentrum de Spil stonden kapel en eettafel vlakbij elkaar. En een reis naar gemeenschap van Iona leerde me geloven onder de blote hemel, wandelend in de natuur. En Keiland, ook zo'n plek met een gebedsritme en ontmoeting, alleen dan in tenten op een eiland.
Het klooster - in allerlei meer of minder klassieke variaties - is een constante in mijn leven, op de achtergrond. Een plek om even te schuilen in de regelmaat en de vanzelfsprekendheid van het gebed. Een plek om het voornemen te vernieuwen om ruimte te maken voor God in het dagelijks leven. Alleen houd ik de discipline moeilijk vol, in een klooster is er de gemeenschap die me omgeeft. Terwijl het verlangen er wel is, overheerst thuis de neiging om snel aan het werk te gaan. Geen tijd om te bidden; ik zit al half achter het bureau en blijf er hangen, opgeslokt door alles wat zich aandient.
Soms droom ik van een klooster hier in Cothen. De kerk - een plek om te bidden. De grote tafel in de pastorie - de refter, de plek waar gepraat, gedronken en gegeten, gedeeld wordt. De wandelpaden om het dorp heen - een grote kloostertuin om tot jezelf te komen.
Zo gek is het idee niet. In Friesland is net Nijkleaster gesticht, rondom de kerk van Jorwerd. Een begin van een klooster, met een wekelijkse wandeling (kloosterkuier) en gebed, en een maandelijkse ontmoeting. Een klooster zonder kloostergebouw.
Zin in Wijk bij Duurstede doet mijn kloosterdroom soms de aarde raken. Via internet wordt wie wil een moment van bezinning aangereikt, een ritme; deze weken voor Pasen elke dag om 8 uur. Maandelijks kun je in de kerk de stilte zoeken, maandelijks is er gesprek over dagelijks geloven. De pastorie is een plek waar velen met elkaar in gesprek zijn geraakt. Het huis en de tuin geven letterlijk en figuurlijk ruimte; je krijgt er lucht. Een plek die inspireert. Kerk en pastorie, waar al eeuwen gebeden wordt, gestudeerd in de bijbel en nagedacht over het leven.
In juni komt er een retraitedag. Een dag kloosterritme, gewoon in Cothen: bidden in de kerk, wandelen om het dorp, praten en eten aan de 'pastorie-tafel'. Een ZIN-dag. Overbodig te zeggen dat ik er zin in heb.
Het klooster - in allerlei meer of minder klassieke variaties - is een constante in mijn leven, op de achtergrond. Een plek om even te schuilen in de regelmaat en de vanzelfsprekendheid van het gebed. Een plek om het voornemen te vernieuwen om ruimte te maken voor God in het dagelijks leven. Alleen houd ik de discipline moeilijk vol, in een klooster is er de gemeenschap die me omgeeft. Terwijl het verlangen er wel is, overheerst thuis de neiging om snel aan het werk te gaan. Geen tijd om te bidden; ik zit al half achter het bureau en blijf er hangen, opgeslokt door alles wat zich aandient.
Zo gek is het idee niet. In Friesland is net Nijkleaster gesticht, rondom de kerk van Jorwerd. Een begin van een klooster, met een wekelijkse wandeling (kloosterkuier) en gebed, en een maandelijkse ontmoeting. Een klooster zonder kloostergebouw.
Zin in Wijk bij Duurstede doet mijn kloosterdroom soms de aarde raken. Via internet wordt wie wil een moment van bezinning aangereikt, een ritme; deze weken voor Pasen elke dag om 8 uur. Maandelijks kun je in de kerk de stilte zoeken, maandelijks is er gesprek over dagelijks geloven. De pastorie is een plek waar velen met elkaar in gesprek zijn geraakt. Het huis en de tuin geven letterlijk en figuurlijk ruimte; je krijgt er lucht. Een plek die inspireert. Kerk en pastorie, waar al eeuwen gebeden wordt, gestudeerd in de bijbel en nagedacht over het leven.
vrijdag 8 maart 2013
ZIN in Wijk bij Duurstede
Vorig jaar werd de website gelanceerd: www.ZINinWijkbijDuurstede.nl. Maar wat is ZIN eigenlijk? Het is een ontmoetingsplek, online en offline voor ZINzoekers. Maar wie zijn dat precies, die zoekers, wat willen we hen bieden en wat hebben zij te bieden?
Eigenlijk doe ik maar wat, op gevoel. En elke keer vraag ik me af: wat doe ik nu eigenlijk? Een studiemiddag over pionieren zorgt ervoor dat ik het nog eens probeer, om er lijn in te krijgen.
Betrokkenen bij ZIN komen vooral uit Wijk bij Duurstede en Cothen. Ze zijn veelal boven de 50. Ze zijn kerkelijk, hebben hun twijfels bij het instituut, zijn op zoek naar nieuwe vormen; ze zijn rand- en niet meer kerkelijk; ze hebben geen kerkelijke wortels.
ZIN valt onder verantwoordelijkheid van 2 kerkelijke gemeentes, maar draagt expres geen kerkelijke naam om openheid uit te stralen. Online zijn er geen kerkmuren of beperkingen van lidmaatschap, maar ook de offline activiteiten worden open aangeboden aan wie maar wil deelnemen (via de krant, social media).
Lidmaatschap is niet vereist. Er zijn geen kerkdiensten Hoe gaat betrokkenheid zich verder ontwikkelen? Vormt er zich een gemeenschap of werkt betrokkenheid in een netwerk anders?
Ik merk dat ik steeds weer de balans zoek: ruimte en openheid staan voorop, maar betrokkenheid en keuze moeten niet buiten beeld verdwijnen. Toeschouwers moeten zich wel uitgenodigd voelen om deelnemers te worden.
ZIN is een poging om verschillende manieren aan te bieden om elkaar te ontmoeten rond de vragen van geloof en dagelijks leven. Hoe geloof je van dag tot dag, te midden van keuzes en dilemma's?
Alledaagse vragen en de Bijbel op tafel, dat is de kern. Gesprek rond de tafel, stilte met anderen samen of inspiratie die je thuis op het web kunt opzoeken... ZIN probeert al doende zo'n ontmoetingsplek te creëren, open voor iedereen.
Het laat zich niet keurig definiëren, er wordt al doende geleerd. Dat hoort bij pionieren, het is 'messy', niet netjes afgebakend, en het gaat met vallen en opstaan. Met een aantal begrippen paren probeer ik niet-systematisch te beschrijven wat ZIN is:
doordeweeks niet op zondag
verbinding geen lidmaatschap
online offline
oude verhalen uit de bijbel ervaringen hier en nu
moreel debat geen moralisme
de ander de Ander
om de keukentafel op het internet
zinvol zin in
de krant poezie
wijk bij duurstede grenzeloos
zoeken vertrouwen
preek TEDtalk
Jezus vrienden
borrel bezinning
God mensen
Eigenlijk doe ik maar wat, op gevoel. En elke keer vraag ik me af: wat doe ik nu eigenlijk? Een studiemiddag over pionieren zorgt ervoor dat ik het nog eens probeer, om er lijn in te krijgen.
Betrokkenen bij ZIN komen vooral uit Wijk bij Duurstede en Cothen. Ze zijn veelal boven de 50. Ze zijn kerkelijk, hebben hun twijfels bij het instituut, zijn op zoek naar nieuwe vormen; ze zijn rand- en niet meer kerkelijk; ze hebben geen kerkelijke wortels.
ZIN valt onder verantwoordelijkheid van 2 kerkelijke gemeentes, maar draagt expres geen kerkelijke naam om openheid uit te stralen. Online zijn er geen kerkmuren of beperkingen van lidmaatschap, maar ook de offline activiteiten worden open aangeboden aan wie maar wil deelnemen (via de krant, social media).
Lidmaatschap is niet vereist. Er zijn geen kerkdiensten Hoe gaat betrokkenheid zich verder ontwikkelen? Vormt er zich een gemeenschap of werkt betrokkenheid in een netwerk anders?
Ik merk dat ik steeds weer de balans zoek: ruimte en openheid staan voorop, maar betrokkenheid en keuze moeten niet buiten beeld verdwijnen. Toeschouwers moeten zich wel uitgenodigd voelen om deelnemers te worden.
ZIN is een poging om verschillende manieren aan te bieden om elkaar te ontmoeten rond de vragen van geloof en dagelijks leven. Hoe geloof je van dag tot dag, te midden van keuzes en dilemma's?
Alledaagse vragen en de Bijbel op tafel, dat is de kern. Gesprek rond de tafel, stilte met anderen samen of inspiratie die je thuis op het web kunt opzoeken... ZIN probeert al doende zo'n ontmoetingsplek te creëren, open voor iedereen.
Het laat zich niet keurig definiëren, er wordt al doende geleerd. Dat hoort bij pionieren, het is 'messy', niet netjes afgebakend, en het gaat met vallen en opstaan. Met een aantal begrippen paren probeer ik niet-systematisch te beschrijven wat ZIN is:
doordeweeks niet op zondag
verbinding geen lidmaatschap
online offline
oude verhalen uit de bijbel ervaringen hier en nu
moreel debat geen moralisme
de ander de Ander
om de keukentafel op het internet
zinvol zin in
de krant poezie
wijk bij duurstede grenzeloos
zoeken vertrouwen
preek TEDtalk
Jezus vrienden
borrel bezinning
God mensen
maandag 4 maart 2013
Preek van de leek
“De Preek van de Leek; verhalen die raken…” zo introduceren
we in Wijk bij Duurstede de Waikse (Wijkse, in ABN) variant van het Amsterdamse initiatief.
Bekende bewoners van ons
stadje worden uitgenodigd om in het theater te vertellen over hun inspiratie,
en daarbij een Bijbeltekst te betrekken. Van Marktplaats haalden we een oude
preekstoel, die opgeknapt werd. De (s)preker mag die stoel beklimmen voor de
preek.
Maar gaat het hier wel echt over een preek? Een kersverse collega – iets orthodoxer dan ik – vindt van niet. Dit moet je geen preek noemen, zegt hij, op die term moet je zuinig zijn als kerk. Een inmiddels oud-collega vindt het tegendeel (Klaas IJkema) . Een preek moet mensen raken, en dat gebeurde bij de eerste Waikse Preekvan de L eek;
verstand, gevoel en wil werden geraakt. Dus is het een preek.
Ik zit ergens in het midden. Ik hecht niet zo aan het begrip ‘preek’. Waarschijnlijk omdat het niet mijn grootste hobby is, preken. Het is dat een dominee zonder preek is als een … nou ja, zeg het maar, anders liet ik het graag aan een ander over.
Een preek op zich is niet zoveel, vind ik. En een preekstoel is niet heilig, maar een functioneel ding uit het pre-microfoon-tijdperk. Er gebeurt pas iets als er gesproken wordt binnen een gemeenschap, in een groep mensen die hoop, geloof en liefde met elkaar delen. Te midden van mensen die zich vrienden van Jezus noemen, mensen die samen bidden, zingen en zoeken wordt een preek woord van God.
Maar gaat het hier wel echt over een preek? Een kersverse collega – iets orthodoxer dan ik – vindt van niet. Dit moet je geen preek noemen, zegt hij, op die term moet je zuinig zijn als kerk. Een inmiddels oud-collega vindt het tegendeel (Klaas IJkema) . Een preek moet mensen raken, en dat gebeurde bij de eerste Waikse Preek
Ik zit ergens in het midden. Ik hecht niet zo aan het begrip ‘preek’. Waarschijnlijk omdat het niet mijn grootste hobby is, preken. Het is dat een dominee zonder preek is als een … nou ja, zeg het maar, anders liet ik het graag aan een ander over.
Een preek op zich is niet zoveel, vind ik. En een preekstoel is niet heilig, maar een functioneel ding uit het pre-microfoon-tijdperk. Er gebeurt pas iets als er gesproken wordt binnen een gemeenschap, in een groep mensen die hoop, geloof en liefde met elkaar delen. Te midden van mensen die zich vrienden van Jezus noemen, mensen die samen bidden, zingen en zoeken wordt een preek woord van God.
De preek mag van mij
overal. Ik hecht veel meer aan het begrip ‘kerk’ en kerkdienst. Waarbij ik dan
weer niet per se aan het uurtje van 10 tot 11 uur op zondagmorgen denk. Maar een
kerkdienst voor ongelovigen daar heb ik niet veel mee. Daarom wordt de Waikse
preek – wat mij betreft – ook in het theater gehouden en heet het geen
kerkdienst. Geloof wordt niet verondersteld. De sprekers zijn niet per se
gelovigen. Die moet je dan ook niet in een gebouw en in rituelen stoppen die
gebouwd zijn op geloof. Doel is om Bijbelverhalen ‘op straat’ te laten klinken,
of in een theater midden op de Markt.
En wat er dan gebeurt, aan geloof, daar kan ik alleen maar op hopen. Afgelopen zondag gebeurde er wel iets.. Was dat dan toch 'kerk'? De grenzen van de kerk zijn in mijn beleving vloeiend, maar tegelijk veronderstelt kerk een keuze, geen vrijblijvendheid.
Is de Preek van de Leek een preek met appèl, een vorm van kerk-zijn of is dat teveel gevraagd en gezegd?
En wat er dan gebeurt, aan geloof, daar kan ik alleen maar op hopen. Afgelopen zondag gebeurde er wel iets.. Was dat dan toch 'kerk'? De grenzen van de kerk zijn in mijn beleving vloeiend, maar tegelijk veronderstelt kerk een keuze, geen vrijblijvendheid.
Is de Preek van de Leek een preek met appèl, een vorm van kerk-zijn of is dat teveel gevraagd en gezegd?
Meer over de Waikse Preek van de Leek...
Abonneren op:
Posts (Atom)

















