Posts tonen met het label God. Alle posts tonen
Posts tonen met het label God. Alle posts tonen

zaterdag 24 maart 2018

Labyrint


Als ik verdwaal
in gedachten,
de weg kwijtraak
in deze wereld,
geef mij dan vertrouwen
in de weg
die U met mij gaat.
Het is geen dolen,
maar volgen
van kronkelwegen
naar het hart. 

Dit labyrint is te vinden in Park Toorenvliedt, Middelburg.

maandag 17 oktober 2016

Interview Nederlands Dagblad

Predikant Rebecca Onderstal schrijft boek over single-zijn
Rebecca Onderstal: ‘Echte eenzaamheid ontstaat pas als je alleen bent met je ervaringen.’ | beeld Anne Paul Roukema | tekst Harmke van Berkum - 14 oktober 2016

Single-zijn is een kunst op zich. Predikant Rebecca Onderstal (47) schreef er een boek over. Want, zegt ze, er is niks mis met mij. Ook ik als single ben een compleet mens.

In haar boek Mooi niet alleen beschrijft predikant Rebecca Onderstal (47) hoe ze haar leven als single vormgeeft. Acht jaar geleden scheidde ze van haar man. Haar oudste zoon is net het huis uit, haar jongste twee kinderen van zestien en dertien jaar oud wonen de helft van de tijd bij haar. Als haar kinderen bij hun vader zijn, woont Onderstal alleen in een pastorie in Cothen, waar ze predikant is van de Protestantse Kerk. Daar vertelt ze over haar leven als single, over de eenzame kanten ervan en over de verbondenheid die ze met anderen ervaart.

Wat vindt u het moeilijkst aan het leven als single?
‘Niemand wenst me goedemorgen of welterusten. Dat ik juist op momenten als voor en na het slapengaan iemand mis, komt wellicht doordat ze symbool staan voor het feit dat ik uiteindelijk mijn dagen alleen doorbreng. Aan de rand van de dag ben ik alleen. Alleen eten is ook niet leuk. Zulke momenten hebben te maken met dingen niet kunnen delen. Er is niemand die me vraagt hoe mijn dag was. Het gaat over de afwezigheid van iemand, iemand die van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat met je verbonden wil zijn. Die basale verbondenheid die er is als twee mensen voor elkaar kiezen, die mis ik.’
U heeft het gevoel gehad dat het aan uzelf ligt dat u single bent.
‘Vaak wordt er over singles gezegd dat ze te kieskeurig zijn of wellicht niet voldoende openstaan voor een relatie. In dat gevoel kon ik eerder erg verzinken. Dat zie ik ook bij anderen. Eén van mijn collega’s sprak tijdens de boekpresentatie. Zij had Mark Rutte gezien bij Z omergasten, die alleen-zijn “misschien wel het laatste taboe” noemde, en dacht: gelukkig, er is dus niks mis met mij. Ik heb geleerd niet te denken dat het allemaal aan mezelf ligt. Liefde is geluk hebben, je hebt geluk als je de juiste persoon tegenkomt. Dat overkomt je. Als je dat geluk niet hebt, is dat niet altijd te verklaren. Ik heb wel gedatet, maar ben daar weer mee gestopt. Ik nam het te zwaar op, het voelde als een sollicitatieprocedure. Als een ontmoeting nergens op uitliep werd ik na afloop onzeker: ben ik niet leuk genoeg, is er iets mis met mij, welke kronkel zit in de weg?’
lijfelijke aanwezigheid
In uw boek gebruikt u het woord ‘huidhonger’: aanraken en aangeraakt willen worden. Mist u dat?
‘Aangeraakt worden is heel fijn. Gelukkig heb ik vriendinnen die dat doen en kinderen die op schoot komen zitten, ook al zijn ze al wat ouder.
Toch is er een stuk van je dat nooit wordt aangeraakt, dat hoort nu eenmaal bij single-zijn. Je helemaal blootgeven aan iemand die naar je verlangt, dat is er niet. Op hoogtijdagen of bij belangrijke gebeurtenissen kan ik de behoefte hebben aan iemand tegen wie ik even aan kan
kruipen, die me in de armen neemt en zegt: kom eens even hier.’
Hoe gaat u met dat gemis om?
‘Het helpt me om bewust aandacht te besteden aan mijn lijf, bijvoorbeeld door naar de sauna te gaan. Zo onthoud ik dat ik ook nog een lijf heb dat er mag zijn. Als ik de lijfelijke aanwezigheid van iemand mis, organiseer ik soms die aanwezigheid. Na afloop van mijn boekpresentatie
bijvoorbeeld heb ik iemand gevraagd te blijven slapen, zodat ik iemand had om mee na te praten. Dat is anders dan een partner, die er vanzelfsprekend is. Als single moet ik bewust iets voor mezelf organiseren. Dan moet je dus niet denken dat anderen dat stom vinden of dat het te veel gevraagd is. Ik ben de afgelopen jaren minder bang geworden voor afwijzing. Je moet ook een “nee” kunnen hebben, soms zijn mensen gewoon druk en ligt het niet aan jou dat ze niet kunnen. Het is ook goed om je vriendenkring breder te houden, zodat je niet te veel van één persoon verwacht en diegene niet overbelast.’
Wat is voor u de grootste les geweest in uw leven als single?
‘Ik heb geleerd stil te staan bij het gemis van een partner zonder erdoor geobsedeerd te worden. Dat lukt niet altijd hoor, maar het gaat steeds beter. In het begin vond ik het al lastig om alleen thuis te zijn. Als ik me dan niet happy voelde, raakte ik door dat gevoel geïsoleerd en dacht ik dat ik niemand had. Dat heeft te maken met wel of niet veilig gehecht zijn. Als je minder veilig gehecht bent, is het moeilijker een goed evenwicht te vinden tussen afstand en nabijheid. Ik ben daar wel in gegroeid, ik kan nu beter alleen zijn doordat ik heb geleerd dat er wel degelijk mensen om me heen zijn die belangrijk voor me zijn. Ik voel me minder geïsoleerd en zoek contact met vrienden als ik niet lekker in mijn vel zit. Vooral na mijn scheiding heb ik veel in vriendschappen geïnvesteerd.’
Hoe ervaart u de plek van singles in de kerk?
‘De gemeente waar ik nu predikant ben, is een echte dorpsgemeente. Veel gemeenteleden komen alleen naar de kerk; hun partner is overleden of niet gelovig. Er heerst dus niet een echte gezinscultuur, zoals in andere kerken meer het geval is. Veel kerken richten zich in eerste instantie
op gezinnen, misschien omdat het gezin de plek is waar het geloof wordt doorgegeven. Helemaal als het over dertigers of veertigers gaat, staat het gezin centraal. Als single ben je bijna geen doelgroep van activiteiten, je wordt over het hoofd gezien. Soms zijn er wel activiteiten voor alleengaanden of mensen die eenzaam zijn, maar ja, je wilt ook niet alleen maar een probleemgeval zijn. En zo worden alleengaanden wel vaak benaderd, als mensen die verdriet hebben of iemand kwijtgeraakt zijn.’
Welke rol speelt God in dit verhaal?
‘Zeker in moeilijke periodes was God niet per se degene die me een helpende hand toestak. Wel is Hij via mensen steeds dichterbij gekomen. Tegelijk ben ik iemand die stilte en meditatie gebruikt om God te ervaren. Juist als ik alleen ben, kan ik de nabijheid van God ervaren. Als ik
mediteer probeer ik te ervaren dat er een werkelijkheid van God is waar ik even in mag gaan. Ik voel dan een liefdevolle blik op me gericht. Er is Iemand die me ziet zoals ik ben.’
Wat zijn de belangrijkste tips die u voor andere singles heeft?
‘Durf kwetsbaar te zijn. Als je niks van jezelf laat zien, mis je een kans om dingen te delen en te leren van een ander. Het verbindt als je eerlijk durft te zijn over wat je moeilijk vindt. Echte eenzaamheid ontstaat pas als je alleen bent met je ervaringen. Koester dus ook je vriendschappen.
En onthoud dat jij niet je gemis bent. Ook met gemis ben je een heel mens.’
Wat zou u mensen met een relatie of een gezin willen meegeven?
‘Het is fijn als zij af en toe ruimte maken in hun huis en leven voor iemand die aanschuift. Juist met feestdagen en tijdens vakanties is het fijn als ergens de deur voor je openstaat. Dat niet iedereen uit zichzelf zo gastvrij is, komt niet per se voort uit onwil. Veel mensen staan er niet bij stil dat dit voor singles heel waardevol is. Ik heb vrienden bij wie ik tijdens de vakantie weleens een paar nachtjes terechtkan en waar ik me niet het vijfde wiel aan de wagen voel. Gastvrijheid is een groot goed.’ ■

N.a.v. Mooi niet alleen. Het complexe en complete leven van een single
Rebecca Onderstal. Uitg. Ark Media, Amsterdam, 2016. 96 blz. € 12,95

woensdag 19 augustus 2015

Dansen met Jezus op Keiland


Jezus als 'Heer van de dans' - dat is een beeld dat past bij Keiland.

Lees het blog over Keiland, het lied Nachtkaravaan en dansen op Zinvloed... 

Meer info over Keiland... 

God woont niet in kerkgebouw...


Dat God niet in een kerkgebouw woont, daar is Rebecca van overtuigd. Maar dat betekent niet dat mensen die gebouwen van hout en steen niet nodig hebben.

Lees het blog over kerkgebouwen, een kleinzoon en zijn pake op Zinvloed... 

dinsdag 4 november 2014

Zegenende handen

"We willen graag bidden om een zegen met ieder van jullie... als je dat wilt.. "
Dat was eventjes schrikken.
We zaten in een kring - 16 dominees op bezoek in een Utrechtse kerk in het kader van een missionaire opleiding. De kennismaking met deze kerk was overgelopen in een meditatieve oefening. Stilte, een tekst en het aansteken van licht aan de paaskaars.
Drie leden van de kerkenraad van de Nieuwe Kerk hadden ons kennis laten maken met de ontwikkelingen in deze kerk en de plek van gebed daarin.
En dan nu de praktijk..

We mochten opstaan om een zegen te ontvangen, uitgesproken door één van de drie.
Het verlangen om zomaar te ontvangen en de gêne om in deze kring op te staan streden nog heel even met elkaar. Toen stond ik op.
Drie mensen stonden om me heen, legden handen op mijn schouders. Ik hoorde woorden waarin ik me herkende: creativiteit en veelkleurigheid, verlangen.. Wonderlijk hoe goed het paste, zomaar.

Wat ik voelde was, dat mijn verlangen extra werd aangewakkerd - als wind in de rug.
Het verlangen dat zo vaak aarzelt tussen opstaan en toch maar blijven zitten uit gêne.
Het verlangen dat me drijft om predikant te zijn en om de grenzen van wat kerk genoemd wordt op te zoeken.
Het verlangen om over God te spreken, al is het vaak met een vraagteken - omdat ik ook niet goed weet wat ik ermee bedoel.
Het verlangen om het ondanks gêne en gestamel toch te proberen omdat God een woord is voor vertrouwen. Vertrouwen dat ik niet alleen ben in dit heelal en jij ook niet.. vertrouwen dat wij onze plek mogen weten en zo onszelf mogen zijn en vertrouwen dat we steeds opnieuw mogen beginnen, omdat er gezicht is dat ons één voor één aankijkt met liefde. Een spiegel waarin we kijken mogen.

Mijn verlangen is aangewakkerd om aarzeling te overwinnen en op te staan, om anderen te zoeken die op onverwachte plekken het onvanzelfsprekende doen: 'God' zeggen.

maandag 4 augustus 2014

Listen! Gay Pride kerkdienst 2014

foto: Daan Stringer
Overweging, gehouden tijdens de Gay Pride kerkdienst in de Keizersgrachtkerk te Amsterdam, zondag 3 augustus 2014. De dienst is in zijn geheel terug te luisteren via de site van de Keizersgrachtkerk.

“Listen” is the theme of this years Gay Pride. 
Preparing this service we choose to focus on silence. The silence that precedes words. For without silence words cannot be heard. There is no real listening without becoming silent. And there is more to silence than just shutting up. That’s what I want to speak about here.
We sang the beautiful song Sytze de Vries wrote especially for this Gay Pride service.
A song about silence..

Ik ga de stilte in
en nergens hoor ik meer
dan daar, waar alles zwijgt,
ik tot mijzelf inkeer.

Ik ga de stilte in
tot diepten waar ik hoor
de zachte fluistering
die nooit nog is verwoord.

Jezus zegt het zo: Wie oren heeft om te horen, die moet goed luisteren!
Nu kom ik zelden een mens zonder oren tegen, dus je zou zeggen: luisteren kunnen we allemaal. Maar zo vanzelfsprekend is het niet.
Niet iedereen met oren durft de stilte aan die nodig is om te luisteren....
Bij het tweede gedeelte van dit verhaal dreigt een wijzend vingertje de overhand te krijgen. Het is eigenlijk al een preekje op zich met uitleg van het verhaal over het zaaien dat Jezus verteld heeft. Een verhaal moet je eigenlijk niet uitleggen, maar dreigt uitleggerig te worden en te wijzen: kijk, jij bent als rotsen, en jij, bij jou groeien distels en kijk, jij hebt het niet begrepen…
Maar zo wijzend naar een ander willen we het hier niet uitleggen.
Horen begint bij jezelf.. met een spiegel..  met luisteren naar wat in jezelf is, wat daar omgaat, in het donker dat maar moeilijk toegankelijk is, waar je misschien bang van wordt, of waar je je voor schaamt.
Horen begint bij het besef dat het niet gemakkelijk is om zonder oordelen te luisteren. Om de stemmen die veroordelen – waarmee je je jezelf veroordeelt - tot zwijgen te brengen. Sommige hoor je al zo lang dat ze elke stilte volpraten.. De stem van je moeder, of je vader.. van een ander die je gevormd heeft of geraakt.
Horen begint bij de durf om stil te worden.
Met niets in handen, één en al oor. Stilte..

Iets persoonlijks.. eigenlijk sta ik hier half en half per ongeluk, als voorganger... doordat iemand dàcht dat ik lesbisch ben. Dat was de reden dat ik gevraagd werd om hier het woord te voeren. Als single dorpsdominee weliswaar gescheiden maar zonder partner.. dus wat het geslacht van die partner zou zijn blijft in het vage.. was ik niet gevraagd waarschijnlijk...
Per ongeluk sta ik hier dus.. Maar in de aanloop naar deze dienst ging ik me wel afvragen: is er voor mij nog iets ‘uit de kast te komen’? In mijn leven ben ik op vrouwen en mannen verliefd geweest. Een lange relatie had ik met een man. Welk hokje pas ik in? En waarom zie ik er tegenop om mezelf bi te noemen, in het dorp waar ik woon en werk met mijn 3 puber kinderen.. ?

foto: Janette Bosgraaf
Mens  zijn is als een zaadje – het besef wie je ten diepste bent valt als een zaadje in de grond..
in het donker van de aarde groeit het..of blijft het liggen, eerst.. een poosje.
Ontkiemen kan niet zonder het sterven van het zaad. Opengaan om iets nieuws voor te brengen.. dat moet dwars door het verlies heen. Pijnlijk kan dat zijn.. Geduld vraagt het.. want je wilt het wel de grond uit kijken.. maar je moet wachten..
tot het voorzichtig groeit naar het licht.

Ieder mens verdient de veilige grond om te groeien naar het licht. De grond, de aarde – dat zijn de anderen om je heen, die je omgeven met hun reacties, hun liefde, hun blikken.. En het luistert nauw als het om seksualiteit gaat. Hoewel het in onze cultuur duidelijk lijkt: seks is puur genieten.. is het voor velen een kwetsbare zoektocht .
Jezelf tonen in je verlangen om aangeraakt te worden, je bloot geven.. het is intiem, en soms moeilijk.
Wat is mooier dan naakte huid die elkaar raakt zonder obstakels..
Wat is pijnlijker dan naakte huid die pijnlijk geraakt wordt. Letterlijk of figuurlijk..
en als er dan ook nog een onuitgesproken norm of een een oordeel van de omgeving is dat je verlamt… dan wordt het pijnlijk kwetsbaar.
Seksualiteit verdient en vraagt een veilige omgeving, zonder oordelen.

Ik denk dat dat de kern het goede nieuws, het evangelie, de boodschap van Jezus: dat iedereen gehoord wordt, ook degenen die aan de zijlijn staan, vanwege hun zogenaamd onfatsoelijk gedrag, of in de ogen van wie denkt de norm te zijn afwijkende seksuele geaardheid. Jezus zocht degenen op die door de gemiddelde burger en door religieuze autoriteiten van zijn tijd tot buitenstaander werd verklaard.
What would JEsus do… In onze tijd zou hij aanschuiven bij transgenders, was hij meegevaren gisteren, zou hij de tippelzones opzoeken en degenen die lijden aan Aids opzoeken. En, most of all, hij zou in discussie gaan met kerkleiders die met hun hand op de bijbel zeggen dat een andere geaardheid dan de heteroseksuele niet gepraktiseerd mag worden.
Dat geloof en vertrouw ik…...

Wij zijn in onze zoektocht naar wie we zijn als zaad dat groeien moet.
En tegelijk zaaien wij ook, we strooien onze aandacht uit, we geven onszelf, we laten zien wie we zijn en soms ook niet.
God is in het verhaal dat Jezus vertelt een boer die zaad uitstrooit ongeacht waar. Op het pad, de rotsen, hij strooit met gulle hand.. of hij is niet al te snuggere boer die maar wat doet,  zo kun je het ook zeggen. Misschien was het toen voor boeren niet anders – het was niet te zien waar de rotsen zitten, waar het zaad van onkruid al ligt..
Ik denk dat het ons méér vertelt, dat gulle uitstrooien van het zaad: het gebeurt zonder angst of voorzichtigheid… In alle naïviteit wil het ons vertrouwen voorhouden.  Er zit niets anders op dan in vertrouwen je woorden uitstrooien, je vertrouwen geven.. en hopen dat het in goede aarde valt, als je vertelt dat je homo bent, of bi, of transgender of aseksueel of..
Dat is een les die ik zelf maar eens goed in mijn oren ga knopen.. ;-)

Dit Bijbelverhaal gaat tegelijk over het mysterie waarom een boodschap (de boodschap, blijde boodschap van Jezus) bij de een wel landt, terwijl het bij een ander het ene oor in en het andere weer uit is. Of de daden totaal in tegenspraak zijn met de woorden.
Waarom pikt de ene vriend de signalen die je uitzendt als je iets over jezelf wilt vertellen, als je zo duidelijk de deur op een kier zet wel op? En waarom negeert de ander het vrolijk? Of zwijgt hij het dood wat je verteld hebt? Waarom zijn er ouders die zo met hun kinderen omgaan als ze de moed bij elkaar geraapt hebben om te vertellen over hun seksuele geaardheid, die het doodzwijgen? 
Het gaat over de tragiek van het niet kunnen horen, van het met geweld dichtstoppen van de oren – Hoor maar ik kan niet horen.. Het gaat over daden die niks laten blijken van goed luisteren. Mensen die het maar niet lukt om toe te laten dat er andere manieren van leven zijn dan de hunne.. die daar te lui of te bang voor zijn. Het landt niet. Ze blijven handelen alsof het niet bestaat.

Hier past geen moraliserend vingertje. Het is de realiteit: Let’s face it – we hebben oordelen die ons horen bemoeilijkt. Onze eigen ervaring, pijn, en passie kleurt wat we zien. Wat we zelf ervaren hebben dat is onze kracht, onze bron van mededogen, maar tegelijk onze valkuil. Er is ruis, we herkennen wat we kennen, of pikken uit wat òns raakt.  En de rest laten we pijnlijk liggen.
Zo kijkt wie homo is met bepaalde ogen naar wie bi is, en zo is het voor hen ook weer moeilijk om zich in te leven in transgenders..
Maar tegelijk past ons allemaal past de oproep, in de scherpe bewoordingen van Jezus: wie oren heeft, moet ook horen! Listen! Luister, wees stil.. maak ruimte..  en luister dan echt.. .
Het begint met luisteren naar jezelf. Of nee, eigenlijk begint het met het vertrouwen dat er naar jou wordt geluisterd, door de Eeuwige zelf. Dat je gezien bent.. gekend – dat is het eerste..
Waar haal je die moed vandaan? Om te luisteren naar wat er in je omgaat?
Van der Graft verwoordt het zo: Maar als Hij er niet was en Zijn stem was er niet dan was er van stilte geen sprake. Alleen maar van zwijgen, zo hard als graniet en dat kan je doodeenzaam maken. 

Alleen met je gedachten; dan kun je vast raken en in verdwalen.
Van der Graft verwoordt het vertrouwen dat er iets aan stilte voorafgaat. De stilte is gevormd door woorden, de ruimte van de stilte is omgeven door beschermende armen van woorden van nabijheid.
Je mag er zijn..
Ik blijf bij je.

Die woorden kaderen de stilte in en geven moed om er in af te dalen.
Ook als het moeilijk is wat je aantreft. Als je het liever niet had aangetroffen..
Dan is er de Eeuwige die je omarmt. En met je meegaat. Een tweestemmig lied.. waarin God en mens elkaar raken.
De stilte is omgeven door God zelf. Een ruimte waar je jezelf mag ontdekken, zonder taboes.
Een ruimte waar je op zoek mag gaan naar je verlangen.. mag kijken met verwondering naar dat wat groeit in jezelf.
Luister!


Ik ga de stilte in
en Jij gaat met mee.
Jouw hand is mijn kompas,
onthult mij tree voor tree.

Ik kom de stilte uit,
breng schatten aan het licht:
ik kreeg mijn ware zelf,
mijn naam en mijn gezicht.

Deze preek verscheen ook op de website van Nieuw W!J.

Twee gedichten bij het thema 'luisteren vanuit de stilte':

Over de eerbied II Gij moet het eenzaam laten het zaad dat ligt te slapenen dat al kiem gaat maken.
Dit eerstelingsbewegenvan leven binnen leven vermijd het te genaken. 
Laat het stil zijn in zijn waarde,zaad in de donkere aarde; zaad in de donkere aarde.
En het zal groen ontwaken.

Ida Gerhardt (1905-1997) 

Stilte

Zolang er nog ergens iemand bestaat
met wie ik als mens kan spreken
vind ik ook wel een stilte
midden op straat
een stilte die niet kan breken.
Een kostbare stilte van zuiver glas
dat ik zelf
met mijn stem heb geslepen.
Als ik er niet was
en die stem er niet was
had niemand die stilte begrepen.
Maar als Hij er niet was
en Zijn stem was er niet
dan was er van stilte geen sprake.
Alleen maar van zwijgen,
zo hard als graniet
en dat kan je doodeenzaam maken.
Maar de stilte,
dat is een tweestemmig lied,
waarin God en de mens elkaar raken.

Guillaume van der Graft

zondag 19 januari 2014

het goede leven, bruiloft in Kana - een preek -

Preek bij Johannes 2: 1-11 en Jesaja 62: 1-5
Er is een bruiloft, 2 mensen vieren dat bij elkaar horen.
Misschien waren ze wel niet zo jong. Als je hier in Cothen naar een bruiloft gaat kan het ook om 25 jaar samen gaan, of 50… En stellen die trouwen zijn vaak niet meer piepjong en net bij elkaar. Ze hebben al kinderen, ups en downs meegmaakt.
Het feest zelf in dit verhaal past daar wel bij – het ene moment is het feest, het volgende dreigt het om te slaan. De wijn is op..
Wijn staat voor ‘het goede leven’.. In de Bijbel staat het vol met dromen van een wereld waarin ieder onder zijn eigen wijnstok zit. Vijgenboom ernaast, en het goede komt zo in je mond vallen, als het ware. Dan ook nog melk en honing, en een mens heeft niets te wensen in bijbelse termen.
Wijn staat voor het leven dat goed is. Kwaliteit van leven,leven om van te genieten. Met kleine slokjes, bewust, tijd nemen voor ‘een goed glas’,  een gesprek, even ontspanning.
de bruiloft in Kana, afgebeeld in een kerkje in Zillis 

Het is de derde dag, staat er.
De derde dag, dat is een beslissende. Daarop gebeurt er iets waarop gewacht is de termen van de Bijbel. De opstanding bijvoorbeeld..
Het het kan hier ook heel goed gaan over de 3e dag van de week, de 3e dag die God schiep. Die derde dag, de dinsdag (de joodse week begint op zondag en eindigt op de zaterdag, de sabbath) is de enige waarop God twee keer zei dat het goed was.
Hij schiep het land en alles wat er groeit en bloeit en vrucht draagt. Hij schiep de grond onder onze voeten op die derde dag. En het was wel 2 x goed. Op de dinsdag werd er door joodse mensen bij voorkeur getrouwd – vanwege die overvloed aan goedheid, genoeg voor 2.
Ik heb een vriendin die dinsdag omgedoopt heeft tot ‘dinsdag hoopdag’. Via de sociale media vraagt ze elke week aandacht voor de hoop – wat is dat jou gaande houdt, wat moed geeft – juist op die dag dat God 2x zei dat het goed was mag je extra om je heen kijken om het goede te zien.
Dinsdag hoopdag. Dag van grond onder de voeten, van groei en bloei.

Maar dan raakt de wijn op. De vreugde is weg, de sjeu is er af.
In je relatie loopt het niet lekker. Ergernis, of sleur…
Of je relatie is over..  je partner is er niet meer.. je bent alleen. Zomaar, door de dood. Of doordat je te erg van elkaar verwijderd raakte..
De trouwjurk waarin je je de mooiste voelde – dat hoor je ook te zijn op je trouwdag: de dag waarop er eentje de mooiste mag zijn zonder concurrentie – hangt ver weg op zolder. Te klein inmiddels natuurlijk.
Het leven lijkt grijs en veel zin heb je er niet in op momenten. De kleur rood van de liefde en de passie ontbreekt..
Als er niemand is die je geliefde noemt, die je zo aanraakt of aankijkt , met liefde – die je laat voelen dat jij speciaal bent.. geloof je het dan nog, dat je de moeite waard bent?
Laatst ontdekte ik op internet een soort trend: meisjes (vooral meisjes…) zetten op youtube een zelfgemaakt filmpje waarin ze vertellen wie ze zijn en vragen aan de kijker ‘ben ik mooi.. of niet’. De kijker wordt gevraagd om te reageren. Een oordeel te geven eigenlijk.
Ik schrok ervan. Waarom leveren meisjes (zouden jongens zoiets bedenken) zich over aan het oordeel van wie dan ook.. maken ze zich daarvan afhankelijk?
Ergens las ik een mooi advies.. dat ik nog niet in praktijk heb gebracht, eerlijk gezegd… ga af en toe eens bloot voor de spiegel staan en kijk naar jezelf. En realiseer je dan hoe mooi je bent. Kijk alsof God over je schouder meekijkt. Met de ogen van de Eeuwige. Hij heeft je bijna goddelijk gemaakt.. schrijft psalm 8.
vergeet dat niet.

In Jesaja is het God zelf die de hand vraagt van een heel volk dat is als een verlaten vrouw. Zij is als de bruid van de eeuwige.. niet vergeten en alleen, maar zijn geliefde.
God gaat een relatie aan met wie alleen is, juist met wie dreigt over te schieten misschien.. die als eerste. God verheugt zich over zijn bruid: hij is blij met jou.
Hij is blij met wie niet de moeite waard gevonden wordt – vanwege handicap, huidskleur, geaardheid..
Nonnen die het klooster in gingen deden dat als bruid van Christus – je kunt er om giechelen (mijn oudste begon onmiddellijk met theorieën dat jezus toch eigenlijk getrouwd was met Maria Magdalena, hij is bezig in de Da Vinci Code) , maar het brengt wel mooi in beeld hoe God niet ver van mij en jou wil blijven. Maar je partner wil zijn.. ‘met hart en ziel aan ons getrouwd’ dicht Huub Oosterhuis.

Een poster van Loesje zegt:  “het leven is een feest, en jij bent uitgenodigd.”
Is dat zo.. is het leven een feest?
Is ons leven het ‘goede leven’ waar de wijn van Kana symbool voor staat?
Het intrigerende aan het verhaal is natuurlijk dat de wijn op raakt. Was de wijn rijkelijk blijven vloeien en iedereen blij, dan was het niet een verhaal geworden dat onze aandacht pakt.
Juist als het stokt, de feestvreugde, dan komt het er op aan. Wat dan?
Dan is Jezus er…
Het klinkt simpel.
En dat is het natuurlijk niet.
In het verhaal moet er nog letterlijk hard gewerkt worden, door het slepen met liters water. Dan pas kan er wijn ontstaan. Beter nog dan wat er eerst was.. ook zo mooi – de wijn wordt er beter op, door tegenslag, een crisis, in de loop van het leven – de kleur verdiept zich, de kwaliteit groeit.

Ineens is er weer wijn.. op die derde dag is het leven weer ‘goed’ (tof in het hebreeuws, de taal van het oude testament, van Genesis) – God zag dat het tof was.
Dag van grond onder de voeten, een toffe dag.
Aan het begin van het jaar had ik een goed voornemen. Ik las ergens over een mooie manier om je iets voor te nemen – kies één woord voor het komende jaar. Geen onmogelijke voornemens, maar een woord dat je helpt om het jaar op een bepaalde manier in te stappen.
Mijn woord werd dankbaarheid.
En dat heeft heel erg te maken met die grond onder de voeten van de derde scheppingsdag, van dinsdag hoopdag. Het gaat om bewust stilstaan bij de grond die me draagt. Niet zo gedachteloos door hollen van de ene taak naar de andere, van de ene verwachting naar de ander, jagend naar waardering en bevestiging (ik doe het allemaal…). Maar bewuster om me heenkijken, de lucht inademen, en zien wat er aan goeds is om me heen. Dankbaar…

Dat heeft met zegenen te maken. In het latijn is het woord van zegenen ‘benedicere’ – letterlijk ‘goed zeggen’ Je zegt het goede toe, je wenst het toe, je haalt het naar boven.
Dat is wat God doet in de schepping – hij zag dat het goed was, het krijgt zijn zegen mee.
Dat mogen wij ook doen, heel dichtbij.
Eigenlijk is dat wat je doet als je aandacht besteedt aan wat er om je heen is. Met je aandacht koester je en haal je door je blik het goede naar boven. Je kijkt het tevoorschijn. Je kunt er ook langslopen, het niet opmerken in je haast. Maar door erbij stil te staan zegen je het. Je ziet dat het goed is, tof.
Misschien is dat het moment dat er soms, een wonder gebeurt. Dat water wijn wordt.. je ziet in het gewone ineens het feestelijke, het goede van het leven.
Het goede leven is niet één groot feest.
En wat hier ook nog meespeelt – de wijn verwijst naar het goede leven maar ook naar de dood van Jezus. Het goede leven is ten diepste, bij Jezus – het delen ervan. Hij houdt het niet voor zichzelf, maar geeft zich.
Het leven is niet één groot feest. Maar we worden wel door God gevraagd als zijn partner… zijn geliefde.. in de dans van het leven. Bij ups en downs. Door dik en dun. Of je nu nog in je trouwpak of –jurk past of niet.
God zegent ons gewone leven. Elke dag weer is er grond onder onze voeten.

God,
ik kom u tegen op aarde,
aan de hemel zie ik sporen van u:
zoveel sterren, de maan -
uw werk.
Denkt u daar in het oneindige heelal
ook aan een kind,
aan mij, mensenkind?
De ogen van een kind,
een baby die in mijn armen wordt gelegd -
het vertelt me van het wonder
dat u ons bijna goddelijk gemaakt hebt,
met heel de aarde aan onze voeten
om te belopen
en te bewerken.
U vertrouwt ons het toe.
God, ik kom u tegen
overal op aarde.
(psalm 8 in een vrije vertaling)

dinsdag 17 september 2013

zoals een moeder zorgt..

'Zoals een moeder zorgt, voor kinderen haar toevertrouwd, en waarborgt dat zij leven...zo is een God van liefde' - deze regels uit een lied van Huub Oosterhuis zongen door mijn hoofd toen ik het erf van een boerderij af reed waar een moeder te vroeg gestorven was.
In de afscheidsdienst lazen we een regel uit Jesaja 66: 'Zoals een moeder haar zoon troost, zo zal ik jullie troosten.'
God is als een moeder... die haar zoon troost, op schoot neemt, of over zijn bol aait als hij daarvoor te groot is geworden. Als een moeder die zorgt dat je elke dag de tafel gedekt vindt, die er is als je wilt vertellen over je dag. Die je herinneringen bewaart, foto's inplakt, die altijd bezig is om te zorgen dat thuis ook echt thuis is..
Wij zijn als een kind dat tot rust komt in Gods armen.
Zo beschrijft psalm 131 het:

Ik ben stil geworden
mijn ziel heeft rust gevonden
als een kind op de arm van zijn moeder ben ik
ontspannen
rustig
als een kind vol vertrouwen is mijn ziel

Als mensen te vroeg sterven, als een moeder er niet meer is om haar zoon te troosten, dan hebben we Gods moederlijke zorg en zegen hard nodig...

En oh ja: die rust komt misschien pas, nadat God alle boosheid en verdriet over zich heen heeft laten komen, als we uit geraasd zijn..

donderdag 30 mei 2013

In de krant.. de rol van kerken bij een crisis

De kerk als ruimte voor het delen van de vragen
Hanneke Goudappel
donderdag 23 mei 12:45
Ineens komt iets waar je van afstand naar hebt gekeken, je eigen wereld binnen. Zo omschrijft ds. Rebecca Onderstal uit Cothen het moment waarop de lichamen van de broers Julian en Ruben uit Zeist vlak buiten het dorp werden gevonden.
De lichamen werden zondag door voorbijgangers gevonden. ,,Die zondagmiddag hadden we als kerken van Wijk bij Duurstede en omgeving een grote pinksterviering op de markt in Wijk bij Duurstede. Daar was ook gebeden voor de kinderen. We waren aan het opruimen toen het bericht kwam dat de lichamen mogelijk waren gevonden.”

Schrik

Wijk bij Duurstede had al een extra betrokkenheid bij de situatie, omdat de vader van de jongens hier vandaan komt, en er familie en vrienden van hem wonen. ,,Nu was ook mijn eigen gemeente Cothen, ineens verbonden aan het vinden van de jongens”, blikt ds. Rebecca Onderstal, predikant van de protestantse gemeenten in Cothen en Wijk bij Duurstede, terug. ,,Ik kwam met grote schrik thuis.”

’s Avonds twitterde de predikante: ‘Ik zet de deur van onze kerk maar open.. kaars aan.. #cothen #protestantsekerkaandeBrink’. ,,Daar kwamen ontzettend veel reacties op via de sociale media”, vertelt ze.

Vervolgens heeft ze met de burgemeester gebeld. ,,We zijn in Wijk bij Duurstede een paar jaar geleden gaan nadenken over de rol van de kerken bij een crisis. Na de Bijlmerramp heeft de Protestantse Kerk in Nederland daarvoor een cursus ontwikkeld. Die hebben we als kerken in Wijk bij Duurstede gevolgd. Alle kerken hebben toen de intentie uitgesproken dat wanneer er iets zou gebeuren, wij voor de pastorale zorg zorgen.”

Verdriet en vragen

De burgemeester nam het aanbod van Onderstal om de kerk open te doen, aan. ,,Ook de katholieke kerk was open. De Mariakapel bij deze kerk is eigenlijk altijd open.”

Op maandagochtend was het vooral de pers die naar de kerken kwam. ,,Later die dag kwamen er ook veel mensen die even een kaars wilden opsteken. Ze konden iets opschrijven als ze dat wilden. Daar werd veel gebruik van gemaakt. Het was tweede pinksterdag, en was weinig open waar mensen elkaar konden treffen.”

Het ging niet om grote stromen mensen die de kerken bezochten, zegt Onderstal. ,,Het ging in de protestantse kerk om tientallen, in de katholieke kerk kwamen er nog meer mensen. Geen ramptoeristen, maar mensen met verdriet en heel veel vragen. Je ziet bijvoorbeeld mensen voor wie deze gebeurtenis raakt aan oud verdriet. Aan iets heftigs wat ze zelf hebben meegemaakt. Ook kwam ik mensen tegen die zelf met een scheiding hebben te maken (gehad). De teneur was verbijstering.”

Koffie

Terugkijkend meent Onderstal dat de kerk openstellen het beste is wat je als kerkelijke gemeente kunt doen in een crisissituatie. ,,Veel meer hoeft niet. Zorg dat er kaarsjes zijn, zorg voor vrijwilligers en zet koffie.”

,,Ik vergelijk de kerk met een vriendenkring – een stenen beeld van mensen in een kring, die de armen om elkaar hebben geslagen, met in het midden het Licht”, zegt Onderstal. ,,In een situatie als deze zoeken mensen vaak naar schuldigen, op wie ze hun boosheid kunnen richten. De kerk is een plek die de ruimte biedt voor de vragen, en die ze openlaat. Een plek waar je een lichtje aansteekt, als teken van hoop, van verwachting, van de aanwezigheid van God.”

Burgemeester Tjapko Poppens van Wijk bij Duurstede heeft gisteren een bezoek gebracht aan de ouders van de vader van Julian en Ruben. Volgens de burgemeester heeft de Wijkse gemeenschap veel begrip voor het verdriet van de familie van de vader. Dat merkt ook Onderstal. ,,Het is onze verantwoordelijkheid om ook met hen mee te leven. Dit hebben ze niet kunnen zien aankomen. Familie en vrienden kenden de kinderen goed. Zij moeten hier ook mee verder.”
* verschenen in het Friesch Dagblad en op de website Het Goede Leven op 23 mei 2013

woensdag 29 mei 2013

waar ze gevonden werden...

Vlakbij
in Cothen
een godverlaten plek
Als kinderen niet veilig zijn
als een mens geen uitweg ziet
als niemand het geroep hoort
als het stil geworden is..
Waar bent U?
Vogels fluiten
cellofaan om bloemen ritselt door de wind
Toen Abraham zich geroepen voelde
om zijn zoon te offeren
kwam God tussenbeide
Waarom nu niet?
Antwoord blijft uit
op onze vragen.
Stilte
in onze  kring.
Wind ritselt door het cellofaan
Houvast..
zoeken we
bij elkaar
bij het licht.
God,
laat niemand
nergens
godvergeten zijn
Tekst geschreven voor www.ZINinWijkbijDuurstede.nl na de vondst van de lichamen van de 2 vermiste broertjes Ruben en Julian in Cothen, 19 mei 2013

maandag 15 april 2013

Missie?

Voel ik me zendeling? Wat is mijn missie? Uitgenodigd om voor een ontmoeting met collega's iets op papier te zetten is hier de poging van maandagmorgen 15 april.. 


Mijn missie: de tegenstem van het evangelie laten klinken, in het verlangen dat mensen ervaren dat God met ons omgaat. Ik wil ruimte maken – plekken open houden - voor de verhalen over God en mensen, in een cultuur waar kennis en ervaring van de God van de Tora en de profeten en van Jezus Christus bepaald niet vanzelfsprekend is.
Er is geen nut (– zo vind je gelukkiger leven of verantwoordelijker leven), geen claim ( – het ware leven is hier te vinden), geen norm (– dit is hèt goede leven) .. Geraakt-zijn en relatie, niet van mij als individu maar van de 'wolk van getuigen' vormen de grond voor het 'getuigen'.
Kerk – als gemeenschap van mede-leerlingen door de eeuwen heen - is daarvoor mijn basis, en de plek waar ik mensen wil uitnodigen om kennis en ervaring op te doen.
Kerk onderweg: dauwtrappen, Hemelvaartsdag 2010
Het instituut kerk biedt daarvoor de mogelijkheden, maar is tegelijk een beperking.
Dat 'naar de kerk gaan' voor velen alleen betekent: op zondagmorgen om 10 uur in een gebouw in een bank schuiven, dat vind ik jammer. Ik wil het begrip 'kerk' veel meer oprekken, mogelijkheden verkennen.
Het liefst zoek ik naar sporen van kerk op de pleinen en in de huiskamers – of die nu uit stenen bestaan, of virtueel gebouwd zijn – daar waar mensen leven.
Praktisch kiezen we in de gemeente Cothen voor 2 sporen:
- dat van de klassieke gemeente, die elkaar ontmoet op zondagmorgen
- en dat van het diffuse 'netwerk' er omheen, van mensen die zich niet zo verbinden
Het vreet energie om op beide sporen verder te gaan. En de vraag blijft knagen, of er genoeg gemeente overblijft om het netwerk te voeden: wat als de gemeente 'op' raakt? Maar ik kan niet anders.. de drang om het evangelie uit te dragen is te groot. 

donderdag 14 februari 2013

Vasten

foto: Jolinda van de Beukel

Aswoensdag kwam er een lieve vriendin op bezoek. Met een grote plak chocola. En dat op mijn eerste vastendag. Gelukkig ontfermde mijn ene zoon zich grootmoedig over de chocola.
Die eerste dag viel nog niet mee. De tweede ook niet trouwens.
Het is schokkend hoeveel momenten er zijn dat ik naar iets ‘lekkers’ wil grijpen. Ik  merk het nu pas, nu ik besloten heb het te houden bij drie maaltijden op een dag. Even.. oh nee… niet even – hoe vaak heb ik mezelf al niet tegengehouden deze 2 dagen.
Iets lekkers om een leeg moment te vullen, om frustratie te compenseren, om iets te vieren of te troosten, iets lekkers om een gezellig moment nog extra aan te kleden; redenen genoeg om iets te eten.
Voor de lijn hoef je het niet te doen, zei iemand – een heel sociaal wenselijke opmerking natuurlijk. Waar ik het niet helemaal mee eens ben. Maar als die kilo’s me echt in de weg zaten, dan was ik wel eerder begonnen met vasten. Alleen had het dan lijnen geheten.
Het is maar een woord, maar het maakt veel verschil, vasten of lijnen.
Slanker en fitter willen zijn geeft me niet genoeg drive om te stoppen met snoepen. Ik wil het wel, maar ik negeer die wens gewoon als ik zin krijg in iets lekkers. Tot ik ga vasten, dan houd ik me wel in. Doe ik het voor God? Dat is wel erg vroom uitgedrukt. Maar ik doe het niet om strakker en mooier te worden. De uitdaging is: zelfbeheersing, weten wat ik echt nodig heb, leegte niet wegwerken, bewuster genieten, met meer dankbaarheid, bewuster en minder gedachteloos eten.. Maak ik daarmee ruimte voor God?
En zal het lukken, 40 dagen lang?